woensdag 8 maart 2017

Twijfels #2

Geloof nooit wat ik zeg! Gisteren zei ik nog: ik twijfel ook wel eens aan mijn verhaal, maar niet tot in mijn kern, omdat ik zo'n sterke respons erop heb. Daar kwam ik vandaag flink van terug. Meestal kom ik ergens van terug als ik er zo'n uitspraak over doe. Met name als er het woordje 'niet' in voorkomt. Dan kun je garanderen dat die kort erna verandert in een 'wel'.

Dus vandaag twijfelde ik keihard aan mijn verhaal. Als in: echt heel grondig. Als in: ik kan het maar beter opgeven. Als in: mijn levensdoel is zinloos.

Ik had vanochtend fantastisch geschreven, ik had geplot en het spelbord klaargezet en nieuwe stukken geïntroduceerd, zetten bedacht en uitgevoerd. Mijn begrip van mijn fictieve wereld en alle thema's daarin verdiepten zich. Ik zat op mijn piek. Dit verhaal drukte mijn ziel uit.

En toen was ik klaar en ging ik ontspannen en op social media. Nu is dat sowieso een dubieus iets, daar kunnen we allemaal wel over meepraten. De piek stortte in: mijn stemming sloeg om. Het effect van wat ik zag op social media, kan worden samengevat in deze ene vraag: is mijn verhaal wel een accurate reflectie van de huidige wereld, of is het te naïef?

Nadat ik mijn best had gedaan om die vraag te beantwoorden, kwam ik erop uit dat het helemaal niet mijn vraag was - niet relevant, niet nodig om daarmee aan de slag te gaan. Nou, beter mosterd na de maaltijd dan helemaal geen mosterd, zullen we dan maar zeggen. (Overigens at ik vanavond wel mosterd bij mijn maaltijd, op de gebakken pompoen uit de oven, samen met sambal en knoflook - aanrader! - maar dat terzijde.)

Ik wil namelijk helemaal geen accurate reflectie geven van de huidige wereld. Ik wil niet dat alle mogelijk extreme uithoeken van de duisternis waar mensen toe in staat zijn in mijn verhaal terecht komen. Ik kies er een paar uit, en die belicht ik. Godsdienstwaanzin, bijvoorbeeld. En discriminatie, met name rondom gender en seksualiteit. Maar een heleboel dingen ook niet. Of niet zo diep. Maakt dat van mijn verhaal een naïef sprookjesland? Misschien deels.

Maar het maakt niet uit. Deze twijfel is niet een appèl om nog eens goed te kijken naar het gruwelijkheidsgehalte van mijn verhaal, of dit op stel en sprong te veranderen. Het vraagt van me om eens goed te kijken naar mijn onderliggende overtuiging: waarom is het nodig dat ik het zo gruwelijk mogelijk moet maken?

De angst om naïef te zijn zit diep bij mij, want, laten we eerlijk wezen, ik ben wel een beetje naïef. Ik ben opgegroeid in een voedende, veilige omgeving (superfijn) en ik heb de neiging het goede in mensen te zien (ook geweldig) en pas achteraf hun dubbele agenda en nare bedoelingen te begrijpen (gelukkig maar!). Ik ben zó naïef dat ik het meestal niet eens hóór als iemand iets onaardigs tegen me zegt, iets kleinerends. (Heerlijk!) Het komt domweg niet in mijn realiteit voor. Ik hoor de woorden wel, maar mijn verstand filtert de achterliggende intentie eruit. (Oh wat een fantastisch beschermingsmechanisme!) Het komt vaker voor dan ik denk, neem ik aan. Soms zie ik later ineens in: oh, die persoon probeerde me neer te halen. En dan deal ik ermee. Dat is de invloed van poort 22, horen over de tijd heen - kan ik deze week even meemaken met de transit, en met deze 'soort van straatwijsheid' kan mijn vriend me ook helpen, want die heeft die poort zelf. Maar ik hoor in principe alles in het moment, onbewust, en reageer instinctief op dat wat mijn overleving en integriteit in stand houdt - poort 57. Heel handig, het houdt me veilig, het maakt dat ik mijn gedrag perfect aanpas aan mijn omgeving. Dat is eigenlijk geen naïviteit, maar een slim lichaam. Mijn kanaal 10-57: de perfecte vorm. Dat wordt voor me geregeld, als ik de signalen van mijn lichaam maar volg, glimlachend knik en niet eens weet wat de ander zegt, zodat ik met zo weinig mogelijk schade weg kan lopen. Zelfbekrachtiging. Boeiend wat de ander vindt of denkt, als ik maar veilig ben! Dat is geen naïviteit, dat is puur overlevingsinstinct.

Ik lees zelf het liefst boeken die een veilige haven zijn. Het gaat mij om escapisme. Om bekrachtigd te worden in mijn gevoeligheid, in mijn fantasie, zodat ik deze wereld beter aankan. Een verhaal lezen is niet alleen verrijkend op zich, maar ook een manier om beter met deze wereld te dealen. Dat betekent niet dat het genre van mijn keuze - fantasy - alles alleen maar met een roze bril bekijkt. Ik hou niet van zoete, inhoudsloze sprookjes. Geweld en dystopie en allerlei ellende kan ik prima aan, als er maar een holistisch perspectief op wordt gegeven, zodat ik er hoop door krijg. Ik word gemotiveerd door hoop. Daarom schrijf ik zelf ook een hoopvol verhaal: ik schrijf wat ik zelf wil lezen. Ik heb hoop hoger in het vaandel staan dan het accuraat spiegelen van alle gruwelijkheden in deze wereld. *Diepe zucht* Mijn lichaam zegt dat dit waar is, de twijfel verdwijnt, de druk neemt af om hier iets mee te doen.

Nu mijn hoofd dit begrijpt, heb ik nog innerlijk werk te doen op naïviteit. Gelukkig schrijf ik een verhaal, dus ik kan nu gewoon weer verdergaan met tv-series kijken, in plaats van innerlijk werk te doen. Het is avond: geen tijd voor werk. Morgenochtend kom ik het thema 'naïviteit' vanzelf wel weer tegen in mijn verhaal, want mijn hoofdpersoon zit er ook mee te worstelen - goh wat toevallig weer. Dat was sarcastisch, want hé, mijn verhaal is een accurate weerspiegeling van mijn realiteit, ik hoef helemaal niet de hele wereld te spiegelen, alleen maar mijn eigen.

En zo heb ik weer een twijfel bevochten, en gebruikt om mijn begrip van wat ik al aan het doen was verder te verfijnen. Leve poort 63. Oké, dat schreef ik met opeengeklemde kaken, maar toch, ik begin de waarde van deze transit in te zien. Ik geloof dat ik 'm wel kan hebben, de komende twee jaar.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen