woensdag 7 december 2016

De Wet van Ritme en andere wetten en nog iets kwetsbaars aan het eind want dat is hoe ik rol

De zon staat vandaag in dezelfde lijn als mijn eigen poort 5, onderdeel van het kanaal van ritme. Met als keynote: yielding to the inevitable. Alles is onderhevig aan een kosmisch ritme. En daar moet een mens hoe dan ook voor buigen. En dat heb ik vandaag gedaan.

De 5e wet van het universum is de Wet van Ritme (google: 7 wetten van het universum als je er meer over wilt weten). Iedereen heeft dan ook dit kanaal in zich. Er zijn cycli en seizoenen in het universum, op onze planeet en in ons lichaam. Alles is in beweging. Er bestaat geen tijd, er bestaat alleen maar beweging. Het hele universum is dus een dans van energie.

Dit betekent dat met het kanaal van Ritme, mijn bewegingen afgelijnd moeten zijn. Moeten, ja. Want anders heb ik een probleem. Zo simpel is het. Daarom werd ik ook zo aangetrokken tot yoga. Dit is een goede manier om mijn bewegingen afgelijnd te maken. Qi Gong is ook een fijne manier. Dat past ook echt goed bij een Generator: bewegen vanuit je dantien (sacrale centrum). Als ik geërgerd raak door iets - bijvoorbeeld een vervelend huishoudelijk klusje - wil ik vaak dat het zo snel mogelijk achter de rug is. Dan ga ik haastige bewegingen maken. Het is dan net alsof de lucht in stroop verandert, en mijn spieren alle kracht verliezen. Ik ben uit aflijning. Ik open de weg naar degeneratie. Bah, alleen al door eraan te denken voel ik het. Dat is hoe die 7 wetten werken, tenslotte.

Ik blijf het nog steeds enorm lastig vinden om niets te doen. Want dat is het alternatief vaak. Mijn leven beweegt in pulsen, niet in een continue stroom. Mijn flow pulseert. Dat betekent dat ik een enorm druk en verrijkend weekend kan hebben, en daarna ineens in een gat val. Vooral omdat ik de bijeenkomst voor Jong Bewust van komend weekend waar ik me al een tijd op verheugde, moest afblazen. Logisch dat er in de decembermaand niet zoveel van de grond komt. Dat is het seizoen van inkeer en drukke feesten. Er is even niets in het nabije vooruitzicht. Geen beweging. Stilstand. De enige beweging is mijn typende vingers. Waar wou ik het ook alweer over hebben?

Oja. Ik heb, zoals gewoonlijk na een stukje alchemie, mijn focus weer verlegd naar het positieve. De laatste tijd kwamen er een aantal 'dwarsliggers' op mijn pad: mensen die mij onaangename dingen spiegelden. Daar ben ik lekker doorheen geploegd. Nu ik er klaar mee ben, focus ik me weer op alle fijne spiegels om me heen. Op de fijne aanmeldingen die ik wél kreeg, op de 'tribe' die Jong Bewust voor mij is, en op alle fijne nieuwe en zich verdiepende vriendschappen in mijn leven. Ook mijn focus daarop zal weer een beweging veroorzaken, die doorwerkt in mijn leven. Dat is de 6e wet, geloof ik. Oorzaak en gevolg. Karma. Dus laat ik 'm versterken. Dat is tenslotte hoe je een schilderij opbouwt: zodra je ergens contrast vindt, versterken.

Ik vind het moeilijker om mijn focus op het positieve te delen, om het met woorden tot expressie te brengen. Het negatieve tot expressie brengen vind ik makkelijker. Ik sta er altijd klaar voor om dat te omarmen. Eén van de dingen die ik waardeer in mezelf is dat ik zo eerlijk ben.

Zo. Dat was moeilijk om te zeggen.

...en toen leidde ik mezelf een halfuur vreselijk af van het verder schrijven aan deze blog, op alle mogelijke manieren. Mijn vriend was bezig door een kookboek (van Rens Kroes) heen te bladeren en reageerde op de foto's erin. Ik scrollde wat door pinterest. Ik knuffelde mijn vriend. Ik las een artikel van Facebook waar ik eigenlijk helemaal niet in geïnteresseerd was.

Laat ik dus maar verdergaan. Mijn schaduw is mijn licht. Ik vind het niet zo eng om mijn schaduw te laten zien aan allerlei mensen. Prima. Ik maak er nog een mooi verhaal van ook. Maar mijn licht? Zeggen dat ik geweldig ben? Zeggen wat ik allemaal aan mezelf waardeer en wat voor positieve kanten ik heb? Wat voor positieve kanten mijn leven heeft? Delen waar ik dankbaar voor ben? Ontzettend kwetsbaar! Die negatieve dingen zijn toch vergankelijk, van voorbijgaande aard. Daar identificeer ik me niet zo mee. Die gooi ik makkelijk op straat. Boeie. Iedereen heeft ze. Rauwheid er laten zijn: geen probleem.

Maar zeggen dat ik van iemand hou? Ik heb al bijna de neiging om dit schermpje weer weg te klikken, zo moeilijk vind ik dat! Alleen mijn vriend wordt regelmatig (zeg maar: zo'n beetje elke keer dat ik hem zie) bedolven onder mijn liefdesbetuigingen, maar de rest moet het stellen met af en toe een moeizaam uitgebracht, lang voorbereid, weifelend 'ik hou van je'. En dan heb ik het eigenlijk alleen over mijn ouders. Die vertel ik dat eens in de zoveel tijd. Bij voorkeur per sms. Jep. En mijn vrienden? Alleen mijn beste vriendin vertel ik geregeld dat ik haar waardeer.

Hm. Misschien kan ik mezelf nu uitdagen... Onee, waarom zadel ik mezelf op met dat soort ideeën? Nu moet ik het nog doen van mezelf ook!

Oké, bloglezers. Bedankt he.

Nee. Dat was het nog niet helemaal. Opnieuw.

Ahem, bloglezers. Ik moet jullie iets vertellen. Ik verwacht eigenlijk helemaal niet dat deze blog wordt gelezen. Niet iedereen zit te wachten op de zieleroerselen van iemand anders, tenslotte. Kan ik helemaal inkomen. Je hebt al genoeg aan je eigen. Maar toch krijg bijna elk bericht dat ik hier post hetzelfde aantal views. Dat betekent dat er mensen zijn die blijven terugkomen. Dat het geen toeval is. Geen ongelukje. Geen legertje bots. Echte mensen. Die de tijd nemen om mijn blogs te lezen. Dankjewel. En dankjewel dat je reageert en me steunt. Dat betekent veel voor me.

Nu voel ik nog tranen opkomen ook!

Ik hecht er waarde aan. En ik vind het eng om ergens waarde aan te hechten. Om de spotlight op mijn leven te zetten. Omdat mensen misschien zullen oordelen dat ik blij ben met kruimeltjes, dat mijn leven een lachtertje is, dat ik het echte leven niet ken of zoiets. Kijk, dat vind ik dan weer wel makkelijk om te delen. Een schaduwstukje. Liever deel ik rare foto's van mezelf op Facebook als profielfoto, dan een foto waarin ik mijn mooie kanten laat zien. Want dat is het beste wat ik kan doen. De beste versie van mezelf laten zien is nog kwetsbaarder dan de lelijkste versie van mezelf. Als mensen die lelijke versie veroordelen is er nog geen man overboord. Dat is veilig. Die heb ik immers zelf ook al veroordeeld. En ik heb 'm bovendien al geheeld, dus boeiend wat iemand er nog van denkt. Maar als ik de beste, mooiste, lichtste versie van mezelf deel? Wat als dat niet mooi genoeg is? Wat als ik niet mooi genoeg ben? Wat als mensen dan nog steeds onverschillig blijven? Als ik al mijn kruit verschiet en nog steeds geen aandacht of liefde krijg? Ik draag geen make-up - in de eerste plaats omdat ik het gedoe vind en mijn huid heel gevoelig is - en soms heb ik wel eens de neiging om daar toch iets mee te doen. Maar dat onderdruk ik. Want als ik de 'mooiste versie van mezelf' creëer door de pluspunten van mijn gezicht te benadrukken en de zwakke punten te verhullen, en mensen vinden het nog steeds niet mooi genoeg? Dan ben ik écht niet interessant. Dat zou ik gewoon zielig vinden, een sneu geval. Zo iemand die heel erg haar best doet om mooi gevonden te worden en daarmee een volstrekt generieke eenheidsworst wordt.

Alsof alle licht hetzelfde is.

Ik dacht altijd dat de schaduw onze diversiteit was. Ons ego onze 'kleur en smaak' in het leven. En ons licht een generieke eenheidsbron. Terwijl elk hoger zelf toch ook zijn eigen karakter heeft. Dat heb ik vaak genoeg gevoeld in Readings & Healings. Sommige zijn 'bubbly' en speels, andere zijn heel verheven, sommige zijn zacht, sommige zijn heel wit en intelligent, etcetera.

Als ik al mijn kaarten op tafel gooi, als ik al mijn licht zou laten zien... Wat als het dan alleen nog maar sterker wordt? Wat als dit juist de weg opent naar nog meer overvloed, liefde en verbinding met de mensen om me heen? Wat als ik daardoor nog beter met Jong Bewust kan werken? Wat als ik er een nog betere Reader van word?

In de schaduw duiken is voor mij een manier om mijn verantwoordelijkheid te ontduiken. Want als ik in de schaduw zit, mag ik fouten maken. Als ik fouten maak, mag ik spelen. Als ik in de modder zit, mag ik vies worden. Maar als ik in het licht zit? Dan moet ik perfect zijn. Als ik mijn licht volledig zou laten zien, voel ik een ongelooflijke verantwoordelijkheid op mijn schouders rusten. Alsof mezelf zijn een ingewikkeld kunststukje is op een evenwichtskoord waar ik elk moment vanaf kan vallen.

Het blijkt dat ik inderdaad bang ben voor mijn eigen licht. Zoals die quote van Marianne nogwat.

Goh.

Laat ik dan nu maar een recept uit dat boek van Rens Kroes gaan maken.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen