vrijdag 10 juni 2016

Confrontatie 2.0: met een open emotiecentrum en een open keelcentrum

De bouwvakkers zijn weg. Grotendeels dan. Natuurlijk zijn er nog een paar dingen uitgelopen, zoals dat gaat met bouwprojecten. Maar de steigers rond het huis zijn weg en ze bellen niet meer aan. Op het moment dat ik dit zit te typen zie ik geen voorbijklossende bouwvakkers meer uit het raam van mijn slaapkamer, maar twee mussen die onder de dakrand vliegen, met dat typische prrrt-geluid van hun vleugels. Huismussen. Ja, we kunnen weer huismussen zijn, mijn vriend en ik, en wat zijn we daar blij mee!

Een mooi inleidend synchroniciteitje - weer een voorbeeld van mijn 5 -15-kanaal. Maar het heeft verder niks met deze blog te maken. Of eigenlijk ook wel, want dit thema gold ook voor die bouwvakkers.

Ik wou het vandaag gaan hebben over mensen bij wie je je niet veilig voelt. Het dilemma: heeft dit je wat te leren en moet je de veiligheid in jezelf zoeken? Of is het een teken dat je zo snel mogelijk alle banden met die persoon moet verbreken?

Die bouwvakkers zijn weg en uit m'n systeem, dus daar hebben we het niet meer over. Opgeruimd staat netjes - een kwestie van de storm uitzitten.

Maar wat nog speelt is het dilemma rond een docent. Vorige week was er een incident in mijn les waarin ik voor mijn gevoel opkwam en hij zijn mening bleef pushen, tot ik zei: 'maar ik begrijp wat je bedoelt' en hij tevreden wegliep. Ik was zo boos, dat ik de rest van de dag de adrenaline uit mijn lichaam moest lopen. Ik was boos op hem, natuurlijk. Ik verwoorde mijn gevoel meerdere keren, op verschillende manieren, om hem te laten begrijpen dat zijn mening over wat hij van mij zag niet waar was. Hij bleef eroverheen gaan. Tot ik letterlijk met mijn mond vol tanden stond en de energie om te reageren me verliet. Vanuit mijn strategie en innerlijke autoriteit deed ik alles dus uitstekend. Ik verloor me niet in niet-zelf-gedrag, door hetzij mijn waarheid te verbergen, hetzij mezelf te gaan bewijzen en hem te overtuigen. Ik bleef bij mezelf. Ik was wijs.

Maar wat was ik boos. Elke keer als ik eraan terugdacht twijfelde ik of ik wel door moest gaan met mijn opleiding. Ik voelde me namelijk niet meer veilig. Ik dacht: als deze opleiding me leert om mijn gevoel te volgen, en de docent gaat daar met zijn autoriteit overheen, dan klopt er iets niet. De kwetsbare openheid die ik heb als ik een Reading aan iemand geef tijdens de lessen, zorgt ervoor dat ik hem niet zie aankomen. En dat hij op een vervelende manier binnen kan dringen.

Vandaag, toen ik mijn boosheid in de les uitsprak bij een andere - ontzettend lieve, warme - docente, kon het eindelijk oplossen. Ik ontdekte dat ik vooral bang was dat ik me zou laten meeslepen in oude patronen, in mijn niet-zelf dat niet tegen confrontatie kan (open emotiecentrum). Of juist in mijn niet-zelf dat zich als een gek wil bewijzen (open egocentrum) door slimmer te zijn dan hem (open hoofdcentra). Of in mijn niet-zelf dat zich afsluit en geen woord meer zegt (open keelcentrum). Omdat ik voor mijn gevoel de controle verloor op het moment dat ik zei 'maar ik begrijp wat je bedoelt', was ik bang dat dit weer zou gaan gebeuren, en deze keer écht. Dat ik niet eens meer voor mezelf op zou kunnen komen.

Eigenlijk was ik dus bang om een fout te maken. De fout om mezelf kwijt te raken, om me uit mijn autoriteit te laten duwen, juist nu ik er zo lekker inzit. Alsof ik mezelf aan het bewijzen moet door zo stevig gegrond te zijn in mijn autoriteit, doordat ik dit aan mensen heb verteld (en hier heb beschreven) en ze nu van me verwachten dat ik dit altijd zal zijn. Want anders val ik door de mand, verandert de positieve projectie van anderen weer in een negatieve, zullen mensen afhaken, en ben ik al helemaal nergens. Mijn ultieme angst is om geïsoleerd te raken en alleen achter te blijven, zodat niets en niemand in het leven me meer zal benaderen en ik langzaam wegkwijn.

Ik had mijn boosheid namelijk uitgesproken in de les, maar vervolgens gingen anderen erop reageren en werd het onderwerp totaal bij me weggehaald en werd ik er verder niet meer bij betrokken, alsof het zo klaar voor me was. Ik kon er niet meer tussenkomen. Daar had ik de energie niet voor. En ik werd er niet toe uitgenodigd. Een beetje bitter, juist omdat ik bang ben om geïsoleerd en genegeerd te zijn. Maar op frequentieniveau was dit de onbewuste erkenning van het feit dat mijn open keelcentrum er nog niet aan toe was om een conclusie te presenteren. Een schrale troost, maar wel één die me het laatste puzzelstukje gaf.

Op het moment dat ik dit allemaal doorzag, kon ik mezelf vergeven. En toen loste die boze knoop in mijn onderbuik op. En nu kan ik mijn conclusie wel presenteren, dus doe ik het maar hier. Tja, ik volg de stroom van het leven. Met mijn open keelcentrum kan ik nou eenmaal niet 'assertief' zijn op de manier van de gehomogeniseerde wereld. Maar ik kan wél bij mezelf blijven en voor mijn waarheid opkomen, dat weet ik ook wel. Op het moment dat het nodig is sta ik mijn mannetje. Mijn hoofd heeft daar alleen andere ideeën over dan mijn sacrale centrum dat alleen energie genereert voor een strijd die het waard is gestreden te worden.

Vrijdag is die docent er weer. Ik ga heel goed naar mijn innerlijke autoriteit luisteren, want als ik een innerlijke 'ja' voel op de vraag of ik naar die les moet gaan, zal ik de energie hebben om met hem om te gaan. En dat kan betekenen dat er helemaal geen confrontatie komt. Maar het kan ook het andere uiterste betekenen: dat ik volledig de controle kwijt zal raken en uit mijn autoriteit zal gaan. Maar dan zal ik ook daar de energie voor hebben. Dan zal ik ermee kunnen dealen.

Het punt is namelijk, ik wil niet stoppen met mijn opleiding. En als ik zeg dat ik me bij die docent niet veilig voel, leggen ze het in deze opleiding weer terug bij mij. Dan wordt het huiswerk. Moet ik er hallo tegen zeggen, het helen, de kern ervan vinden, etcetera. Natuurlijk kan ik er écht een punt van maken, en dan heb ik wel het idee dat ze het serieus zullen nemen, maar zo dramatisch voel ik het nou ook weer niet. Het is alleen mijn plezier in de opleiding dat erdoor aangetast zou worden. Dat 1/3 van mijn lessen (we hebben 3 docenten) aan me voorbij zal gaan omdat ik me door hem niets meer zal laten vertellen. Dus als ik een innerlijke 'ja' voel vrijdag, zal ik proefondervindelijk gaan vaststellen of ik me nu weer veilig genoeg voel om me net zo kwetsbaar op te stellen als anders. Of dat ik eruit moet breken. Dat zal het moment uitwijzen, en dan kan ik erop reageren met wat ik in me heb.

Het is allemaal goed. Ik doe mijn innerlijke werk, met een beetje weerstand weliswaar - die houding in mijn opleiding om alles terug bij jezelf te leggen kan soms knap irritant zijn - maar het blijkt toch weer mijn redding te zijn. Om te verzachten, me te laten raken door de liefde van anderen. Mijn hart weer te openen.

Ik zou alleen zo verdomd graag willen dat andere mensen me in zulke situaties zouden zien als een sterk persoon op een rustige, wijze manier, in plaats van dat oh zo vermoeiende imago van het verlegen, angstige meisje op mij te projecteren. Mijn terughoudendheid wordt dan aangezien voor niet-durven, en het laten afweten van een continue krachtige stem wordt gezien als iets dat een afspiegeling is van een verzwakking vanbinnen. Ik voel dat ze het doen. Ik hoor het in hun woorden. Ik vang het op uit hun gedachten. Het is niet mijn zaak, wat andere mensen van me denken. Maar dat betekent niet dat ik het niet doorheb of erdoor geraakt word. Ik weet wat waar is - en deze gebeurtenissen hebben me precies dát te leren. Om mijn eigen waarheid te valideren, ook al doen anderen dat niet en heb ik niet altijd de energie om het uit te spreken. Om helemaal los te laten wat andere mensen denken, ook al is het onjuist.

Te denken: sommige gevechten zijn het niet waard om te voeren. En om juist op dát moment de mogelijkheid toe te laten om weer in mijn hart te komen en te verzachten, dat is waar meesterschap. Een open centrum is tenslotte een leerschool in het leven. Ik vind het nog een hele uitdaging om daarin een bondgenoot te zien, in plaats van een vijand. Tegen de tijd dat ik 84 ben zal ik het hopelijk een beetje onder de knie hebben.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten