maandag 20 oktober 2014

Permacultuur

Gisteren las Enes iets voor over meloenen, dat om een of andere reden mijn tuindrift triggerde. Je eigen meloenen kweken, stel je voor, een hele zomer lang meloenen eten uit eigen tunnelkas… Plotseling kon ik niet meer wachten om mijn droom te vervullen. Een verterend verlangen vrat aan mijn zonnevlecht, tezamen met de angst of het ooit wel zal gaan lukken en iedereen om me heen doet leuke dingen en wat doe ik aaah. Ik kalmeerde mezelf door even in meditatieve staat te verzinken. Want het heeft geen zin om te verlangen. Het heeft wel zin om het te voelen alsof het er al is - de wet van aantrekking. En het heeft ook zin om te kijken wat je in het hier en nu kunt doen om alvast wat dichter bij de realisatie van die droom te geraken - manifestatie. Ook al is het maar een kleine stap. Dat verlangen heb ik al vaak genoeg gevoeld: dat ken ik nu wel, dus zaak om het als propeller te gebruiken wanneer het opduikt. 


Vandaag heb ik dus gestudeerd in een boek over permacultuur. De hele ochtend. Eten. En een stuk van de middag. Ik heb geleerd over verhoogde bedden en het inbrengen van biomassa, en hoe je hiermee niet alleen een zuurstofrijke grond creëert, maar ook een natuurlijke windwal. Ik heb geleerd over de talud en het terras, en de beste hoek voor leem en droge grond (respectievelijk 60 tot 75 graden en 45 graden), omdat leem verzadigd kan raken van water en je de kans loopt dat het verzakt als je een minder steilere helling neemt. Ik heb geleerd dat in de permacultuur aanwezig water altijd gebruikt wordt op de plek waar het voorkomt. Ik heb geleerd waarom monocultuur zo ziekmakend is voor een ecosysteem. Ik heb geleerd hoe polycultuur en groenbemesting van elke grondsoort een bloeiend ecosysteem kunnen maken. (In het kort: plant zonnebloemen). Ik kwam de wortelknolletjes weer tegen waar mij ooit over verteld is in een ANW-les door meneer Peijnenborg, die deze gebruikte om nutriëntenarme grond in Colombia rijk aan stikstof te maken, door vlinderbloemigen te planten die in symbiose met de bacterie Rhizobium leven. Toentertijd vond ik meneer Peijnenborg maar een raar ventje dat veel te dicht bij je kwam staan, maar nu denk ik: wat geniaal dat hij dat deed. Echt, ik hou van permacultuur, het is geweldig.


Aldus volgestouwd met informatie heb ik twee uur geholpen in de stadstuin, die ook ontworpen is volgens de principes van de permacultuur. Deze wordt geleid door een drukke hippie met hennahaar. Ze is nogal chaotisch. Al pratend beent ze naar de andere kant van de tuin, zonder om te kijken. Hele verhalen. Onverstaanbaar. De tweede keer dat dit gebeurde zei ik 'sorry?' en toen ving ik nog net de uitleg op van het oogsten van de rucolazaden.

Zaadjes zeven 

Na het zeven mocht ik de rucola wel afsnijden en tussen de aardperen leggen. 'Ah, als mulch,' zei ik slim. 'Jij hebt er verstand van!' zei hennahaar. Ik vertelde dat ik net in een boek over permacultuur had gelezen. Ik voelde me een 'studie' die een aai over haar bol had gekregen. Maar even serieus: dit is dus wel echt de beste manier om te leren. Ook zag ik een aantal verhoogde bedden in aanmaak. Net zoals in het boek, bestonden deze uit stammetjes en struiken, met daaroverheen een laag aarde. Op deze manier blijft informatie wel hangen, en bouw ik echt kennis op voor mijn droom van later. Voor nu is het ook de perfecte manier van leven: ik voel me eigenlijk al zoals ik me wil voelen, later. Ik ben lekker in de tuin bezig, ik doe dingen volgens mijn passie, ik deel deze met mijn vriendje - wat wil je nog meer? Alle positieve ionen die ik had veroorzaakt door een dag binnenzitten, ontlaadden zich samen met mijn angst of mijn droom ooit wel gemanifesteerd zal worden via mijn handen weer in de aarde.

Paksoi, pompoen, meiknollen, prei, snijbiet en rucola en een blije Roos

Toen ik thuiskwam na twee uur noeste arbeid, was Enes er ook net weer. Hij loopt stage bij een biodynamisch bedrijf. We hadden allebei een armvol groenten meegenomen als beloning voor ons werk. Hij had twee kleine pompoentjes, ik een grote. Hij had bietjes, ik had meiknollen. Enzovoort. Waarschijnlijk ben ik de enige die hier hyperactief enthousiast van wordt. 

Een worm in onze compost!

Aangestoken door ons beider enthousiasme, gingen we samen nog even aan het werk in de achtertuin, om deze winterklaar te maken. 

Ons zwarte goud, van een jaartje composteren

Onze compost is nog niet helemaal vergaan: er zaten nog takjes en blaadjes in. Maar dat is niet erg, wist ik te vertellen, want dat is biomassa, en voor het doel dat wij voor ogen hadden juist alleen maar goed. We wilden ons gerooide bed namelijk beschermen tegen de weersomstandigheden in de winter. Als je dit niet doet, en er komt een fikse storm of vorst overheen, dan spoel je het bodemleven weg of je bevriest het zelfs. Beter kun je deze een beetje warm houden door biomassa (plantaardig materiaal zoals struiken, bladeren) te laten composteren en dit dan toe te dekken. Daardoor kan de bodem in de winter ook actief blijven en zich herstellen van het gebruik. Ook is het raadzaam om niet diep te ploegen, maar de aarde alleen even los te maken. Dit omdat je anders het hele bodemleven omgooit en verstoort. Met een vork kan je gaten maken en deze even heen en weer wrikken - dat is genoeg om de grond weer wat los te maken zodat er weer zuurstof in komt.

Onze mulchlaag bestaat uit compost en snijbiet - zie ook onze slakkenkantelen (die overigens geen soelaas hebben geboden)

 Ook ons zielige kleine oostindische kersje werd toegedekt met snijbiet

We kunnen de groenten uit de tuin niet meer eten, aangezien er pal naast een flat is gesloopt en er rijkelijk kalk en weet ik veel wat aan andere enge stofjes (ze gingen in asbestpakken naar binnen - ieh) in onze tuin is gestrooid - en daarmee bedoel ik ook echt rijkelijk. Dat het er wit van zag. Dus gebruiken we alles als mulchlaag. En hopen we dat het evenwicht zich in het voorjaar heeft hersteld, en de natuurlijke processen de kalk en de andere stofjes onschadelijk hebben gemaakt of iets dergelijks. Nou ja, dat zien we dan wel weer. 

 En kijk eens aan, wat mijn liefje nog meer had meegebracht: een boeketje bloemen! 

En toen gingen we patatjes eten. Einde. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen