maandag 30 juni 2014

#3 Hartbewustzijn

Dit is deel drie in de blogserie zelfvoorzienend leven

Er zijn verschillende manieren om samen te leven. Een die mij erg aanspreekt is die van de sociocratie. Dit betekent dat er gestemd wordt, net zoals in de democratie, maar als één iemand het er niet mee eens is, gaat het niet door. Beslissingen worden dus genomen op basis van consensus en gelijkwaardigheid. 

Maar hoe is het nou om in hartbewustzijn te leven? Een typisch dag in de sfeer van hartbewustzijn. Je staat op, al of niet naast je geliefde (ook een heel fijn steuntje om in je hart te blijven), en maakt je klaar voor het ontbijt. Hier begint het al. Zodra je in de eetzaal aankomt - gesteld dat die aanwezig is in de gemeenschap, maar een gemeenschappelijke eetzaal cq. keukenruimte is toch wel onontbeerlijk, waarom ga je anders in een gemeenschap wonen? - ontmoet je andere mensen. Je laat iemand voorgaan. Je reikt tegelijk naar de boter. Iemand vraagt je om hulp ergens mee. Je hebt een vraag aan iemand anders. Je gaat aan tafel zitten en zorgt ervoor dat er genoeg plek is voor iedereen. Eigenlijk sta je dan al helemaal open voor co-creatie, en de dag is nog maar net begonnen. 

De taken worden verdeeld. Je voelt in waaraan je behoefte hebt, en tegelijk kijk je naar wat er gedaan moet worden en ga je hiervoor. Ook neem je in ogenschouw wie er nog meer bezig zijn met deze taak, of andere taken, en of alles wat nodig is zo gedaan wordt. Het werk wordt verdeeld, en de mensen worden over het werk verdeeld. Natuurlijk zijn je eigen behoeften hierbij belangrijk. Maar je kunt niet blind je eigen ding gaan doen de hele dag. Tenzij je een afgebakende taak hebt waar niemand iets mee te maken heeft. Maar ook dit moet toch weer gecommuniceerd worden, want je kunt daardoor niet iets anders doen, of niet gestoord worden, etc. Heeft er iemand de leiding? Zijn de rollen verdeeld? 

Er is sowieso geen manager van bovenaf die bepaalt wat voor werk jij de hele dag doet. Het werk in een gemeenschap is divers, veelomvattend en staat dicht bij je, omdat het in je woonomgeving plaatsvindt. Je creëert werk voor jezelf en voor elkaar. Natuurlijk kunnen er projecten zijn waarin het overduidelijk is wat je doet, en is daar niet veel uitwisseling met anderen bij nodig. Maar meestal houd je rekening met en werk je samen met elkaar. 

Dan is het lunchtijd (of koffietijd, of avondmaal-tijd). Je zit aan tafel met degenen met wie je net hebt gewerkt. Je zou kunnen afspreken om het in deze momenten helemaal niet over het werk te hebben. Maar sowieso schakel je over naar een andere manier van zijn. De ontspanning. Je collega's zitten om je heen en nu zijn het je vrienden, familieleden, buren en dierbaren. Je interacteert nu met een andere kant. Kun je je dat voorstellen? Als je een feestje oid wilt geven, doe je dat met dezelfde mensen. Ik vond dat persoonlijk een heel fijne ervaring. Zo verdiept de band en leer je zoveel over relaties en de verschillende aspecten van het leven, zonder het gejaag en de tweedeling tussen werk en thuis. Je blijft. 

De relatie met de andere leden van je gemeenschap is dus erg belangrijk voor het reilen en zeilen ervan, en voor je persoonlijke geluk. Degene bij wie je met je ochtendhumeur de boter voor z'n neus weggriste, zal naast je staan op het land, en een extra paar handschoenen bezitten als de jouwe stuk zijn. Je bent wederzijds afhankelijk. Meer nog, je bent een team. En sociale processen spelen tegelijkertijd met dat werkteam-zijn. Misschien heb je een onuitgesproken ruzie met iemand over een halve belofte die niet is nagekomen. Juist als je al tijden aan dat witlofbed wilt beginnen, en je het vakmanschap van diegene nodig hebt om een stellage voor de verduistering van het witlofbed te timmeren. Uiteindelijk zul je toch dat geschil moeten oplossen, zodat de de spanningen rond het witlofbed niet tot grote hoogten zullen stijgen. Het is belangrijk dat het werk gedaan wordt, voor het witlof te laat zal worden ingebed. Met dit hele gedoe kan je over een paar maanden slappe witlof zitten te eten. Of, erger nog, je komt terecht in een werk-gaat-voor-gevoelens-mentaliteit, en je het helemaal niet uitspreekt en dus de hartverbinding verliest. 

Je werkt en woont dicht bij elkaar en dit kan intensief zijn, zelfs uitputtend, afhankelijk van de mate van introversie of extraversie die je bezit. Dan is het tijd om er even uit te gaan, of je terug te trekken. Hiertoe hadden wij op onze reizen niet de kans. In Ecolonie niet omdat we geen auto of rijbewijs bezaten, en in de andere gemeenschappen niet omdat we er te kort waren. 

Ik heb het nog niet eens gehad over de enorme en mooie groeiprocessen die je samen doormaakt. Hoe enorm de band met elkaar zich verdiept, als je niet alleen maar één kant van iemand ziet. Je bent niet alleen samen in de rol van collega, waarna je naar huis gaat en je professionele masker afzet om te verzachten voor je geliefden. Je gebruikt helemaal geen rollen. Er is wel een omschakeling van 'doen' naar 'zijn' gedurende de dag, en soms ben je geconcentreerd en efficiënt, en soms ben je relaxt en is er ruimte voor genieten. Dit zijn verschillende aspecten van het leven, van het mens-zijn. Misschien dat je in de door de huidige maatschappij opgelegde levensstijl met je geliefde nog de meeste kanten van jezelf laat zien. Maar stel je voor dat je volkomen jezelf kunt zijn bij iedereen om je heen? Dat je niet continu je gevoel hoeft uit te schakelen op je werk, en je professionele ontwikkeling als je thuis bent? Dat je niet je ernst hoeft kwijt te raken bij je vrienden, en kwetsbaar mag zijn bij je collega's? Dat je met iedereen over alle verschillende aspecten kan praten op alle manieren? 

Je deelt het respect voor elkaars werk. En tegelijk deel je de liefde en ontspanning van het samen wonen. Hierdoor ontstaat diepte en balans in je leven. 

Tot volgende keer, 

je aspirant-zelfvoorzieneling


zondag 15 juni 2014

#2: hartbewustzijn

Dit is deel twee in de blogserie zelfvoorzienend leven.

De gemeenschappen die ik heb bezocht, waren voornamelijk intentionele gemeenschappen. Dat betekent dat ze zijn ontstaan vanuit een bepaald ideaal. Meestal bleef dit bij ecologische principes, maar soms zit er ook een spirituele kant aan. Bij Ecolonie werd er zelfs een heel soort bewustzijn van je gevraagd. In de praktijk blijken deze idealen moeilijk om na te volgen, vooral door de bewoners zelf, daar iedereen een ego heeft. En daarbij komt, mensen maken nou eenmaal fouten. Conflict kan niet uitblijven. Hier zijn ze zich in Ecolonie erg bewust van, en de transparantie die ze in stand houden, ben ik nog niet elders tegengekomen, waarvoor respect. 

Transparantie is echter niet hetzelfde als hartbewustzijn. Je kunt wel mindful en eerlijk zijn, maar om iedereen in de gemeenschap met een open hart tegemoet te blijven treden, is een kunst op zich. Een kleine gemeenschap met een hechte band en een minigroepje vrijwilligers toonde zich hier het beste recept voor. In Monkton voelden we ons gerespecteerd, vertrouwd en vriendelijk bejegend. Dit was eigenlijk onze eerste ervaring met gemeenschapsbewustzijn, waarin uit het hart werd geleefd. Misschien is dit ook mogelijk in grotere gemeenschappen (ik denk bijvoorbeeld aan Tamera) maar dit heb ik zelf nog niet ervaren. 

Als vrijwilliger in Monkton werd je ingedeeld, maar als je vriendelijk vroeg of je iets anders mocht doen, was daar meestal wel ruimte voor. In Ecolonie was het allemaal grootschaliger. Ook daar werden de taken 's ochtends verdeeld, maar dan kon je maar beter niet aankomen met de vraag of je iets anders mocht doen als je geen verdomd goede reden had, aangezien je dan het systeem in de war stuurde. Hier sloop toch een zekere starheid en regimering in.* Dit staat haaks op het gevoel van hartbewustzijn. 

Hartguerilla op de cour van Ecolonie: een klein project om meer hart in Ecolonie te brengen

Voor mij is het zonneklaar dat je in een gemeenschap het hartbewustzijn als belangrijkste interactiemaatstaf moet aanhouden. Een gemeenschap hangt niet aan elkaar van regels, systemen of hiërarchie. Het is geen ego-gericht bedrijf. Het is geen uitloper van deze patriarchale samenleving. Het is een plek waar mensen wonen in verbinding met elkaar, en dit is iets van het hart. Organisatie of organisch flowen: het is een groot verschil voor je ziel. 

Zelf heb ik ook nog een lange weg te gaan voor ik dit kan uitdragen. Maar iedereen heeft zijn of haar weg, iedereen mag fouten maken. En weet je? Het gaat niet om het perfect in je hart zijn en je ego overstegen hebben en nooit meer echte conflicten hebben. Het gaat om de bereidheid om in je hart te zijn. En de bereidheid naar jezelf te kijken en te leren van je ervaringen, en hier open over te communiceren. Het zou juist zo mooi zijn als alle talenten naast elkaar konden bestaan om nog meer toe te voegen aan de gemeenschap. 

Het ego en het hart spelen dus een belangrijke rol in de gemeenschappen. Het ego is de energie van behoud. Levensbehoud, behoud van comfort, privileges en gunstige afscheidingen. Dit speelt zich voor een groot deel af in het onderbewuste, dus veel controle heb je daar niet over… Het hart daarentegen volgt haar eigen weg. Hoe meer je je hierop richt, hoe meer het allemaal vanzelf gaat: de synchroniciteiten verschijnen op je pad. Als hierop wordt vertrouwd, dan is er een liefdevolle werksfeer en laat je het leven je leiden. Mensen zijn gemotiveerd om te werken. Dit is onze natuur. Als je ze in liefdevol vertrouwen laat werken, dan wordt heus alles gedaan wat er gedaan moet worden. Aan zulke werkgevers wil je graag werk teruggeven! Als je zelf een gemeenschap wilt opzetten, is het fijn als je deze houding naar elkaar toe hebt. Als je werk ziet, doe je het. Als mensen je om hulp vragen, help je voor zover het in je mogelijkheden ligt. Je geeft en je neemt werk. Natuurlijk hou je ook je eigen behoeften in de peiling: dit is je eigen fysieke en emotionele verantwoordelijkheid. Daarbovenop komt de hart-interactie, die ook naar de ander kijkt. 

Er ontstaat een netwerk van diensten en wederdiensten zonder in voor-wat-hoort-wat te verzanden. Het is groter dan dat. Er is altijd wel iemand die je een stukje verder helpt, en samen krijg je zo alles gedaan. 

Om de sociale processen in goede banen te blijven leiden, is een regelmatige spreekstokronde erg fijn. Hierover heb ik gelezen op Indigopixie, een blog die je als zelfvoorzienend aspirant veel bij kan brengen. Sommige gemeenschappen passen dit toe. Het idee is dat je regelmatig samenkomt om een stok de kring rond laat gaan, en degene die de stok heeft, mag praten zonder dat de anderen hem of haar onderbreken. Dit wordt ook wel 'sharing' genoemd. Met HARTverwarmendJong en Jong Bewust hebben we (Willemein en ik, naar een idee van Vicky) dit ook toegepast in de ontmoetingsdagen. Het is een heel nuttig hulpmiddel. Je leert elkaar echt kennen als mens, en als ziel. Als iedereen zijn of haar hart voldoende heeft gelucht, kan er gereageerd worden. Maar in principe gaat het om onvoorwaardelijk luisteren. Je emoties en worstelingen mogen er zijn. Door de spreekstok kom je vanzelf op de gevoelslaag, de laag van je hart uit. Zo weet je wat in de andere persoon leeft, en omdat het zo oprecht wordt verteld, kan je het begrijpen, en is vergeving makkelijker. En dan kom je weer in de hartverbinding met elkaar. Als iedereen bereid is om naar zichzelf te kijken, en zijn of haar eigen stuk te zien in een conflict, is de oplossing nabij. En de lessen die in de conflicten verscholen zitten, dragen zo bij aan de ontwikkeling van de gemeenschap als geheel. 


*Ik zeg hierbij niet dat de mensen in Ecolonie dit hartbewustzijn niet wilden bezigen, maar het algehele gevoel dat een gemeenschap bij je oproept kan toch anders zijn. Iemand zei treffend: 'ik mis hier de warmte'. 

maandag 9 juni 2014

Zelfvoorzienend leven #1 - inleiding

Over mijn ervaringen in ecologische leefgemeenschappen: shit opruimen, leven bij de dag, en de vervulling van huis-, tuin-, en keukenwerk

Ik heb een tijdje geleefd en gewerkt in 4 verschillende leefgemeenschappen in het buitenland. Een vijfde in Nederland heb ik drie dagen bezocht. Hier heeft Enes een maand gewoond en gewerkt. Aangezien we dezelfde weg gaan en onze ervaringen intensief uitwisselen en delen, kan ik spreken van ervaring in totaal vijf gemeenschappen. 

Ik wil hier graag over vertellen. Nog niet eerder heb ik over het leven in zo'n gemeenschap geblogt. Noch over de reikwijdte van deze ervaringen voor mijn levensdroom. 
Wel heb ik een globaal verslag van elke gemeenschap an zich geschreven (Old Hall, Monkton Wyld Court, The Boghill Centre). En betreffende Ecolonie: een incidenteel verslag van mijn metaforische wederwaardigheden met een kruiwagen, wat hevig spirituele bespiegelingen over afscheid, een beschrijving van het enige grote kunstwerk dat ik na de kunstacademie heb gemaakt, en een nu-ben-ik-weer-thuis-en-dit-zijn-mijn-gevoelens-blog. En natuurlijk dat gedicht over het liefdesveld in de Aqua waarbij we allemaal op een kluitje zaten en elkaar streelden enzo: moedermoeras.

Voor iemand die nog nooit op zo'n manier heeft geleefd, kan het moeilijk zijn om je een voorstelling te maken van hoe het voelt als je je er helemaal in onderdompelt. Ik hoop dat ik er iemand mee kan informeren, inspireren of prikkelen. En ik hoop dat ik er mensen mee zal aantrekken die met mij in zee willen gaan om zelf iets op te zetten, en ze op deze manier uitgebreid kan vertellen wat ik weet en waar ik sta. 



Genoeg inleiding. De informatie die ik wil delen kan ik niet allemaal kwijt in één blogpost, dus zal ik er een serie van maken. Deze heb ik niet zozeer verdeeld in onderwerpen of er een structuur aan opgelegd, aangezien ik me liever laat leiden door mijn intuïtie. Stel je voor dat ik weer eens 'slim ga doen' - een valkuil waar ik graag in mag vallen! Ik weet niet waar ik moet beginnen, maar dat is goed, want het betekent dat mijn hart zal gaan spreken, en niet mijn verstand. 

Wat is de aanleiding van deze blogs? Ik lees nu Het jaar van de Vloed (inmiddels heb ik de hele trilogie uit), van Margaret Atwood, een fenomenale schrijfster, dat een post-apocalyptische wereld beschrijft die ten onder is gegaan door de macht van de technocratische elite (CorpSeCorps), en het ontstaan daarin van een groepering die zich de Hoveniers van God noemt. Ken je prepping? Prepping is het je voorbereiden op de apocalyps door voorraden aan te leggen en op een zelfvoorzienende manier te leren leven: reuse, recycle en re… wat was die laatste ook alweer? Maar goed, de inventieve beschrijvingen van deze Hoveniersgemeenschap brachten me even terug naar mijn eigen ervaringen in zulke gemeenschappen, en het verlangen dat ik voel om in harmonie met de natuur te leven. 

Zonder te verzanden in doemgedachten a la prepping, met uitweidingen over Monsanto en chemtrails en dergelijke, zal ik me vooral gaan focussen op hoe fijn het voor onze ziel voelt om te leven op een zelfvoorzienende manier, dagelijks werk dicht bij de natuur te verrichten, en je continu in verbinding te voelen met de gemeenschap om je heen. Ik zal het sprookje beschrijven, de lessen, de pijnlijke of extatische groeiprocessen, de verrassingen en de desillusies van dit leven. 


Zoals: de kruidentuin van Ecolonie in de winter - eigenlijk alles in de winter

Voor mij is het belangrijk om een alternatief te bieden. Iets nieuws te laten opbloeien in liefde. En daar is eerst braakligging voor nodig. Dit is een term uit het boek van Atwood. Haar jargon voor depressie. De ziel gaat in een fase van rust en inkeer, om zich voor te bereiden op een nieuwe vruchtbare periode. Uit de neutrale leegte laat je nieuwe zaadjes ontkiemen, en richt je je daarbij op de liefde, dan laat je de angsten vanzelf los. Deze braakligging heb ik inmiddels wel gehad, maar ik verkeerde er wel weer een beetje in na Ecolonie. Dit was voor mij een levensveranderende ervaring. Ik zei toen ik net terugkwam: de komende fase is voor verwerking en toepassing van wat ik heb geleerd. Eerst moest de aarde zich klaarmaken voor de volgende cyclus. En dat begint, voor jullie althans, met het delen van mijn droom. 

Om zowel te wonen als te werken op één en dezelfde plek, dat is al een ervaring op zich. Om continu dezelfde groep mensen om je heen te hebben, en het zien van onbekende gezichten te ontwennen, ook dat is een vreemde gewaarwording. Het is een hele overstap zo te willen leven, en eentje waar je met lichaam en ziel bereid toe moet zijn. 


Toen wisten meneer Pizzazi en ik nog niet dat we allebei graag die ruimte tussen ons wilden verkleinen, en wat doe je dan? Juist, je laat je oksel zien

Voor mij begon het inderdaad met een ontwaken, een crisis in de vorm van ziekte. In de leegte die ik toentertijd voelde, ontstond het verlangen naar leven in de natuur. Ik liet mezelf sterven aan de verlangens van mijn ego, en volgde mijn hart, niet wetende wat de volgende stap zou zijn. De eerste weken in de leefgemeenschap had ik diarree. Ik liet letterlijk van alles los in sneltreinvaart. Gelukkig kwam er al snel een engeltje om mij steun te bieden in de overgang van egobewustzijn naar hartsbewustzijn. Meneer Pizzazi, meende één van de vrijwilligers te weten, zou arriveren en bij haar intrekken. Hij zou wel een Italiaan zijn. Dit was hij niet. Wat dan wel, had ik heel naïef eigenlijk niet door, maar ik weet nog wel de eerste gedachte die ik had toen ik hem zag: 'dat zou hem wel eens kunnen zijn'. En ja, hij bleek zich inderdaad te ontpoppen tot een zielsmaatje, en dat is veel belangrijker. 

Aldus gesteund, voelde ik me al snel in mijn element op de zelfvoorzienende weg. Ik herkende het. Ik voelde hoe ik dit hartbewustzijn kon verankeren voor nieuwkomers, en in een voortdurend proces van kennismaking en afscheid informatie kon uitwisselen met mensen van allerlei leeftijden en achtergronden. Deze openhartige ontmoetingsstroom is één van de verdiensten van reizen. Maar dit kan ook ontstaan als je voortdurend op dezelfde plek bent, en er mensen langsreizen. Michael, het hoofd van de tuin in Monkton Wyld Court, Engeland, zei dat hij zo in één jaar tijd meer mensen had ontmoet dan wanneer hij zelf op reis zou zijn gegaan. 


Hier in Old Hall draag ik nog steeds hetzelfde shirt, inmiddels is het een paar maanden later (oh haha wat een goede grap)

Een systeem waardoor dit mogelijk is, is Wwoofen. Dit staat voor World wide opportunities on organic farms. Sommige leefgemeenschappen werken niet per se met Wwoofing, waar je lid voor moet zijn, daar kun je ook terecht via hun website. Maar hoe dan ook: je verricht werk tegen kost en inwoning, meestal rond de 30 uur per week. Dit vrijwilligerswerk kan van alles zijn: van tuinieren tot assisteren in de keuken tot schoonmaken. Ook zit er soms onderhoudswerk bij, of, als er dieren aanwezig zijn, strontscheppen. Dan krijg het geheel echt een boerderijsfeer. Maar huis, tuin en keuken zijn toch wel de hoofdmoot van het werk in een leefgemeenschap. 

Ik heb een paar onderwerpen waar ik over wil schrijven (o.a. de dikgedrukte begrippen), en dan zal deze blogserie regelmatig gaan verschijnen. 

Veel liefs,


je zelfvoorzienende aspirant

zaterdag 7 juni 2014

Op zelfvoorzienend leven!

 Een tomatentaartje met pesto en gekarameliseerde ui

Gisteren had ik het er nog met Enes over dat ik graag meer permacultuurtuinen wil bezoeken in de buurt van Zwolle. En vanmorgen gingen we wandelen. Het bleek dat hier al die tijd een buurttuin zit, vlakbij huis. Als ik op mijn wandelingen net iets meer naar rechts was gegaan, had ik hem gevonden. Enes dacht dat ik er wel van wist. Vanmorgen liepen we samen, en hij zei 'zullen we naar de buurttuin?' en ik 'wat? Is hier een tuin?' Etc. Alles wat je zoekt is dichterbij dan je denkt… of: alles wat je nodig hebt, is er al. 

Ik liet me in verrukking brengen door alle bloemen en bladgroenten en iets trok mijn aandacht. Ik vroeg om stilte, en 'zonk' en opende me in communicatie met de natuurspirits die ik voelde (ik zei alleen hallo). 

Borage! Spinazie! Wortelloof! Duizenblad! Rucola en eikenbladsla en lollo rosso en kropsla… 


Deze tuin is - voor zover ik er iets van weet - zo'n beetje ontworpen volgens permacultuur. Met combinatie van verschillende soorten in één bed. En een soort 'terrassen' omzoomd door stenen. Maar goed, daarvoor lees ik nu een boek. 


 Koriander (achter) en duizendblad (voor) 

Rode bessen - en een paar vroege rimpels, doordat ik zoveel hormoonzalf gebruik wordt mijn huid dun, rimpelig en zilverig van de littekens

Koriander

Na het plukken zaten we op de stenen, en ik begon te zingen. Gisteren heb ik in mijn les het keelchakra gehad. Met z'n allen zongen we de klank van onze chakra's, en dit was zo fijn en bevrijdend. Vooral het keelchakra: hier kwam zo'n harde klank/schreeuw uit bij mij, dat ik nog lang doorging nadat iedereen al was gestopt, tot ik dacht dat ik geen adem meer kon hebben, en het ging maar door. En ik was klaar en zuchtte. Iedereen moest lachen en zeiden 'dat is 'm, Roos'. 
Ik wist wel dat ik issues had met mijn keelchakra, mijn eczeem zit daar ook vooral. Ook haalden we expressie-energie uit het verleden terug. Dingen die we nooit geuit hebben. Bijvoorbeeld uit mijn kunstacademietijd, en de depressies voor en na. En ineens kwam daar zo hard de neiging om te zeggen: '..., ik hou van je!' omdat ik dat nooit heb gezegd tegen iemand op wie ik ooit verliefd was. Net toen ik alle emailadressen had opgeschoond en ook de zijne had verwijderd (grappig, want na de les raadde ze aan om dit te doen met facebook enzo, om oude communicatiekoorden op te ruimen, en ik had het de dag ervoor al gedaan, synchroniciteit). Nou ja, als het nodig is, kom ik hem vast nog wel eens tegen. Of niet. En dan is het ook goed. 

We leerden dat alles een klank heeft. Terwijl ik in dankbaarheid in die tuin zat, kreeg ik vanzelf het verlangen dit te uiten. Enes zat naast mij en deed mee. Ik probeerde de tuin te zingen, en mezelf, en mijn aardechakra, en de aarde. En ik voelde dat de aarde heel blij was dat ik dit deed, dat ze zo verlangt naar zo'n connectie met iedereen die op haar leeft. Zo mooi en bijzonder en juist om op deze manier iets terug te doen voor de geplukte groenten. 

Er waren twee aardbeitjes rijp. Van eikenbladsla, lollo rosso, wortelloof en duizendblad maakte ik met twee bananen en een appel een smoothie, die ik garneerde met de aardbeitjes.  


We proosten op het zelfvoorzienende leven.