zaterdag 29 september 2012

Kruiwinnen

Nieuwe ervaringen overspoelen me met de snelheid van het tijdloze. Is dit alleen in mijn leven het geval? Is dit de tijd waarin we leven? Is dit de groep waarin ik leef? Is dit een bijwerking van verliefdheid? Het weefsel van deze vragen te ontrafelen roept alleen maar nieuwe lagen op, tot het web zo groot en ragfijn is geworden dat ik ongemerkt ben gegroeid, als een bloem die de beklemmende grootte van zijn knop allang is vergeten. Maar de bloem wist één ding heel goed: dat ze altijd die pracht en kleuren in zich droeg. Zij is in essentie hetzelfde gebleven. Het is slechts de vorm die veranderd is.

Ik woon sinds 6 weken in Frankrijk, in een spirituele/ecologische woon-werkgemeenschap genaamd Ecolonie, waar ik een leefstijl heb aangenomen die zo vanzelfsprekend voelt dat het veeleer een vorm van afleren is. Ik ben hier thuis. Ik oefen me in praktische vaardigheden als schoonmaken, het land bewerken en groenten inmaken, evenals in spirituele discipline, zoals het loslaten van emoties, ten allen tijde op tijd komen en goede grappen maken. Ik werk, mediteer, creeer, heb lief en maak lol.

Sinds kort (zeg rustig: sinds vanmorgen) heb ik mijn creatieve kroon weer op. Het kanaal van de sublimering is heropend, dames en heren, laten we een lint doorknippen en proosten met klinkend glas, want ik heb mijn stem weer terug, althans, een beetje. Genoeg om me weer verstaanbaar te maken, en hup, daar ga ik, vaste grond onder mijn voeten creërend zodra mijn voeten de modder raken.

Een kleine narratieve afspiegeling dan maar, ter verluchtiging van deze wel erg abstract geformuleerde inleiding in mijn nieuwe leven.

In de tuin hebben we een composttoilet. In het composttoilet hangt een tegeltjeswijsheid in Delfts blauw. Wie niet kruiwaagt, wie niet kruiwint. Vandaag werd de betekenis ervan mij duidelijk. Ik was compost van de composthoop op een reeds geschoffeld stuk grond (ik wil graag spreken in agrarisch jargon, maar als ik 'bed' had gezegd - zover reikt mijn kennis althans - was er spraakverwarring ontstaan, hetgeen ik nu allesbehalve voorkomen heb door deze parenthese in te voegen) aan het leggen, en - fuck. Daar ging mijn zin. Niemand die nog weet hoe hij begon. En trouwens, deze woordendiarree (om even in de compostsfeer te blijven) diende slechts ter verheerlijking van mijn hergevonden liefde voor de taal, qed. Ziedaar, mijn ego. Dat arme ding. Het mag hier ook niet gewoon even zijn, op Ecolonie. Altijd wordt het in de gaten gehouden, als een opstandig kind dat niet helemaal in de familie past en op z'n te kleine stoel moet zitten met een belachelijk slabbetje voor, terwijl het gewoon de wereld wil overheersen.

Maar goed, ik was dus bezig met die compostkruiwagens, want dat doe ik graag, want ik ben zo'n sterke boerenvrouw. Mijn rug protesteerde al na één kruiwagen. Het terrein helt op de terugweg een beetje omhoog, en bovendien is het voorzien van liederlijke bochten omdat de tuin de vorm van een labyrint heeft, godzijdank met een aantal dwarsdoorgangen, maar toch, daar ben je wel even zoet mee. Ik had dus anderhalve kruiwagen op mijn pastgeschoffelde bed gestort, toen ik plots de aandrang voelde te gaan plassen. Daar stond ik, in dubio, kruiwagen in mijn handen, halverwege de licht glooiende helling: bikkelen of luisteren naar mijn lichaam? Was het uberhaupt wel verstandig om dit te doen, kon ik niet beter mijn grenzen aangeven en onkruid gaan wieden? Maar nee zeggen is iets dat ik ontzettend moeilijk vind. Ik besloot de boel even de boel te laten en toog naar het composttoilet. Daar las ik dus: wie niet kruiwagent, wie niet kruiwint. En toen begreep ik: dit gaat over zware kruiwagens. Kruiwagens die eigenlijk niet te huffen zijn. Kruiwagens waarvan je denkt: hoe ga ik die ooit in mijn eentje optillen? Is dit wel de bedoeling? Dit is toch niet bestemd voor mij? Maar wie niet waagt, wie niet wint. Als je je shit niet opheft, kom je nergens. Dan blijf je zitten met diezelfde schrale aarde waar niets in wil groeien. Het zijn de momenten dat je over je grenzen gaat die ook iets kunnen opleveren. Want ja zeggen tegen het leven is net zo waardevol.

Nadat ik de metafysiche kanten van deze klus had doorgrond, heb ik nog anderhalve kruiwagen gedaan, een stuk lichter van gemoed en sterker van vertrouwen, en daarna ben ik gaan zeggen dat mijn rug het niet trok en dat ik liever iets anders wilde doen. Rendement: een beetje fitness, een levensles, ervaring met composteren en een oprechte uitwisseling met de twee tuinmannen.

Zo gaat dat hier. Omdat je werkt met levende dingen, in een gemeenschap die gebouwd is op natuurlijke wijze, kan alles naadloos samenwerken om jou te leren wat je moet leren. In de lopende band in een fabriek werken voornamelijk levenloze mechanismen: het rendement hiervan voor je persoonlijke ontwikkeling, de ontwikkeling van je gemeenschap en op groter vlak de maatschappij, is daardoor veel minder. Daarom moeten we ons leven veranderen. Niet alleen om te leren dat wie niet kruiwaagt, wie niet kruiwint, maar ook om daarbij lekker te plassen zonder door te hoeven trekken*, in de wetenschap dat zelfs je shit vruchtbaar is.

*We gooien er alleen schepjes zaagsel op.

3 opmerkingen:

  1. Ik ben blij dat het goed met je gaat! En vooral blij dat je weer schrijft!

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Proost op je creatieve kroon en op vruchtbare shit :)

    BeantwoordenVerwijderen
  3. <3 Ik ben heel benieuwd naar jouw verhalen over Amsterdam, Ezra.

    Altijd fijn om met jou eentje te drinken, Sjors. Hoop dat het met jou ook goed gaat. Proost.

    BeantwoordenVerwijderen