maandag 21 november 2011

Nog even over dat water dus

Weer een waterdroom gehad, niks wc, gewoon huppakee weer in het water terechtgekomen en er waren allerlei stromingen die je naar onderen zouden trekken met behulp van gemalen onder water, bah. Afgezien van de waterdromen onthoud ik mijn dromen niet meer: het gaat mij om de lijn die de waterdromen vertonen. Later kan ik dat dan interpreteren.

Ik sta tot mijn knieën in het metaforische water nu, want ik kan niet kiezen tussen het droge en het diepe. Of, beter gezegd, ik durf niet in het diepe te duiken omdat ik dan vaste grond onder mijn voeten verlies. Dit gaat over mijn studiekeuze. Ik ben aan het overwegen te stoppen met Minerva, eng! En wat dan? Geen haastig geconstrueerd alternatief in ieder geval. Ik moet rustig leren zwemmen, anders spoel ik straks weer aan. Dat houdt in dat ik leer de signalen van mijn lichaam te begrijpen. En ondertussen ook gewoon mijn intuïtie (veel fijnstoffelijker, dus moeilijker) proberen te voelen, ook al zijn er zoveel dwaallichtjes in dit kniediepe moeras. Waar is het echte licht?

Het gaat erom te duiden wat ik wil. Dat weet ik niet precies: ik durf niet te weten wat ik wil, omdat ik bang ben voor de consequenties van de keuze voor het onzekere. Tot nu toe heb ik, op de momenten dat er een crisis was en ik thuis zat en alle energie zich op één punt begon te richten, door onwetendheid en angst op dat punt een chaos gemaakt. Daardoor ging er veel energie verloren, en moest de energie zich wéér gaan concentreren, dat kostte tijd, dus besloot ik maar voor zekerheid te kiezen (een baantje, een studie). Nu ben ik me ervan bewust en een klein beetje ouder een wijzer, dus laten we hopen dat het deze keer wel lukt de juiste weg in het moeras te vinden.

maandag 14 november 2011

A - qua

Ik zet mijn blog tijdelijk op pauze. Dit betekent niet dat ik zal stoppen met schrijven. Dat kan ik toch niet laten. Ik blijf bloggen, alleen niet volgens de structuur die je gewend bent.


Zoals je weet, heeft elke week hier een thema. De woorden van de alfabetische aftelling uit het motto zijn dan aanleiding tot blogs, en deze week zou het thema 'qua' zijn en de titel 'Q!', maar ik maak een kleine aanpassing. De komende weken - lees: voor onbepaalde tijd - is het aqua-tijd, een non-tijd die alles wat er nog komen zal, van a tot qua, alvast benoemt en veilig stelt, die de komende aftelweken zowel overkoepelt als zich er buiten plaatst, gevormd vanuit reeds aangetroffen materie: een transformatie van de qua-week tot iets nieuws: qua plus a.



Dit is zuiver persoonlijk: het is mijn aqua-tijd, die zich achter het weefsel van de lineaire illusie voortbeweegt, zonder richting, zonder doel, maar altijd doelmatig. Dit om acem (een freudiaanse vertyping, ik bedoel natuurlijk adem, dat zwammende zwemmende onderbewuste ook...) te verzamelen voor de sprong naar perfectie. De aqua-tijd is een noodgedwongen pauze om de slome gang van de raderen die dreigen vast te lopen een halt toe te roepen, er licht op te laten schijnen en ze wellicht zelfs te smeren. 


De themaweken zullen weer starten wanneer ik daar zin in heb, met het woord 'perfect', want wij van nabeelden.blogspot.com leggen de lat graag lekker hoog. De gedachtesprong die ik aankondigde in mijn vorige blog, om uit deze ruwe materie een kunstwerk te destilleren, zal over deze lat heen springen, als een vliegende vis, en de dingen zullen terugkeren naar de oude gang van zaken, maar met een nieuwe bewustzijnsdimensie.


Waarom pauzeer ik? Dit heeft de volgende reden: ik moet nu eerst een heleboel heet water (aqua) oplossen voor ik verder kan draaien. Ik moet als het ware een waterrad worden. Een waterrat. (Die gaat nog terugkomen, ik voel het aan mijn water) (deze alinea verwatert...)


De waterdromen veranderen (in het onderbewustzijn is alles continu aan verandering onderhevig, er is geen goed of slecht of verlossing of eindigheid) (effe een lekkere parenthese over het onderbewustzijn kan er áltijd tussendoor). Nu ga ik daadwerkelijk naar de wc in de wc-hokjes, in plaats van tegen wil en dank in de ruimte ervoor terecht te komen. Ik ruik zelfs een geur (heel vies ja), en sta met mijn voeten in het water op de grond. Met andere woorden, ik kom via mijn zintuigen in contact met deze plaatsen van vuil en schoonspoeling.


Heet water is natuurlijk (ja, natuurlijk, beste mensen, dit spreekt allemaal toch vanzelf) een metafoor voor verdriet. Zoute, hete tranen. In de p-week kan ik dit gaan destilleren en met het zout aan de slag: nu is het water nog vervuild, niet drinkbaar.


Ik ben bang voor spinnen, dat ze op me terecht komen of, erger nog, in me kruipen, maar eigenlijk zijn het niet de spinnen waar ik bang voor ben, maar de spinachtigen, de huisstofmijten. Gecombineerd met de waterdromen gaf dit mij het inzicht dat ik aan een imaginaire vorm van smetvrees lijd: ik vind deze wereld maar vies en vervuilend. Ik heb daar veel verdriet over, en ook over het feit dat ik hier ben. In het aquariustijdperk kun je zulke dingen niet meer voor jezelf verbergen. Dan lopen de raderen vast. Ik ben niet overspannen of zo, maar als ik zo doorga word ik dat wel. Ik weet nog niet wat ik qua studie ga doen, maar wel dat ik een heleboel aqua-studie ga doen. Als dit proces voorbij is zal alles vanzelf perfect aanvoelen. Misschien duurt het een paar weken, misschien maanden, misschien zelfs jaren. Misschien is dit slechts het topje van de ijsberg en herbergt dit water diepten die ik niet vermoeden kan. Hoe dan ook, ik zal er verslag van doen, in de aqua-tijd.

Deze blogs vereisen een andere manier van lezen. Probeer via de poëzie ervan een deurtje naar binnen te vinden en het te begrijpen zoals je het patroon van kale takken tegen de lucht begrijpt. Dit is de aard van het onderbewuste: je kunt het niet vangen, maar je kunt er wel in zwemmen, en als je eraan gewend bent zul je je als een vis in het water voelen, of in je element, als een waterrat. Maar natuurlijk is dit mijn onderbewuste. Er zijn elementen die onpersoonlijk zijn, zoals het vergelijken van het onderbewuste met water, dat zal iedereen kunnen begrijpen, maar de connectie die ik maak met verdriet is misschien iets moeilijker te vatten, want deze is subjectiever. Daarentegen is verdriet een universele emotie. Blijf lezen als je het herkent, zou ik zeggen, en haak af als dat niet het geval is.


(en misschien ga ik ooit alle referenties die ik maak uitleggen, zoals mijn verwijzingen naar alchemie (nigredo, albedo, rubedo), diverse natuurgeneeswijzen en het Aquariustijdperk - maar je kunt het ook zelf googlen als je er geïnteresseerd in bent) 

donderdag 10 november 2011

Roos

dag 3 en 4, kunst vanuit gevoel

Ik ben naar het bos geweest, gewoon het stadsbos, het Sterrenbos. Vlakbij woont een vriendin (Toni) ik ging spontaan naar haar toe en ben de rest van de middag bij haar gebleven, dat was goed en van groot belang.

Ik droomde van opstijgen en vliegen, maar ook de wc-hokjesdroom (water dat overal uit druipt). Meestal droom ik dat het water op mij komt, dat ik dat niet wil, dat ik het contact met de uitgang verlies en dat overal hokjes zijn. Het water is naar. Deze keer wou ik mijn handen wassen en gelukkig was er geen kraan die ik moest aanraken (smetvrees) maar moest ik het aansturen via de laptop van mijn moeder. Hij was al aan en ik drukte hem uit, oeps, dus geen water voor mij. Het is een laptop van Acer, maar in mijn droom was het Acem.

Freud zegt dat versprekingen in dromen van grote betekenis zijn. Dus ik googlen en het is een meditatietechniek uit Noorwegen, het gebouw zit nota bene naast Minerva (uithangbordje zie ik immers altijd hangen als ik naar binnen loop). Op de website staat: 'in de roos met acem-meditatie', en 'het is alsof je een contemplatieve wandeling in de bossen maakt, binnenin jezelf.'

Een deel van mijn interpretatie: het water is nu aan te sturen via de geest.

De allereerste waterdromen waren nog wc-hokjesloos, het betrof zwembaden die leegliepen en tegelijk volliepen, ik was erin terecht gekomen en liep weg met het water, het stortte in tanks, kwam in sluizen en gemalen, ik was erin, hulpeloos, angst. Daarna werd het water allengs minder, ik kwam erin terecht via de douchehokjes, waar plotseling water uit het plafond en de muren kwam, als douches, en dan kwam ik in de leidingen erachter terecht, er waren heel veel douchehokjes in het begin, en de uitgang was zoek. Later werden het wc-hokjes, en minder in getal, en ook minder water - alleen de dreiging van het water was er nog, en de uitgang bleef in zicht. Nu kan ik het water controleren, nog niet helemaal, maar het sleurt me niet meer mee.

Dit is slechts een deel van het associatieweb/betekenisveld dat zich zou kunnen ontvouwen aan de hand van deze droom. Alles heeft betekenis, elke ingeving is te volgen: dit is een andere manier van denken, het rechterhersenhelftdenken. Wat in mijn vorige twee blogs stond is het resultaat van dit denken: nu ben ik minder ver gegaan, dus ik vertel de droom, niet de betekenis.

Ik dwaalde in de bossen van mijn onderbewuste, deze week. Maar gisteren en vandaag liet ik dus dingen vallen, het was niet eens zo erg. (eieren, in de supermarkt) (ja, letterlijk en figuurlijk, zoekwoord: synchroniciteit)

De vraag is niet: wat moet ik nu doen? (links) De vraag is: wat betekent dit? (rechts)

Er waren geen geestverruimende middelen nodig om in deze toestand te geraken. Het was als stoned zijn: het hield niet op als ik naar buiten ging, ik werd er gek van, of wijs. Zolang ik mijn gevoel maar volgde (specifiek en zuiver praktisch van aard, van het voedsel dat ik at tot het voelen van de abstracte weerstanden die ik voelde in mijn lichaam, stap na stap, radertje na radertje).

In de volgende droom steeg ik niet meer, ik beklom en daalde een trap af, een eindeloos hoge, maar ik kon omkeren en afdalen (aarden) wanneer ik wou, zelfs helemaal tot de grond, en opstijgen, wat ik sowieso makkelijker vind. Nu was het niet meer nodig alles te herinneren als een geheugenpaleis. Ik heb heel hard gewerkt in mijn droom. Mijn gevoel zei de volgende: het is genoeg, nu heb ik afleiding nodig. Je kunt niet altijd in de zon blijven staren.

Ik ben me nog nooit zo bewust geweest van vrije keuze als in deze dagen.

Ego en superego houden zich even gedeisd, ze hebben lang genoeg stem gehad, zijn getraind van t tot z. Mijn excuses dat de humor die daaruit volgt niet aanwezig is: dit is ontkrachtend nu. Ik schrijf vanuit gevoel, de intuitieve kenwijze.

En nu de alinea die alles duidelijk zal maken:
Het was projectweek en de bedoeling was om kunst vanuit gevoel te maken, dus niet vanuit emotie (angst, woede, verdriet en hun positieve tegenpolen). Gevoel is lichamelijk, onpersoonlijk, veranderlijk als een draaiend blad, en toch ook onderdeel van mij (R-week, Roos, ik). 'Er is veel gevoel, maar de kunst staat op een laag pitje,' zei ik aan het begin van de week tegen mijn docente over mijn situatie. Ik zei: 'ik heb het gevoel naar het bos te moeten gaan maar weet niet of daar kunst uit voortkomt of niet.' Ze gaf me de vrijheid met als voorwaarde vrijdag terug te komen om mijn proces te beschrijven. Ik worstelde met de lineaire kant van de dingen: ik wou alleen het non-lineaire. Tot ze in elkaar oplosten (niet zomaar, dit vergde WERK) en ik samenviel met mezelf en gelukkig en ongelukkig was, en toen trok alles zich terug zodat ik alleen het weefsel van de wereld zag en niets zei me wat ik moest doen, zelfs mijn gevoel niet, want ik wás mijn gevoel, dus dit is vrije keuze, dacht ik, nou in dat geval kies ik voor het goede, en dat is áltijd liefde, meer liefde. Jij zou hetzelfde doen als je het zo helder zag. En toen was ik gelukkig en nu is alles weer lineair en duaal.

Maar let wel: de weg hiernaartoe is specifiek en noodzakelijk en causaal, je hebt een zekere opeenvolging van dingen nodig voor je verder kan, een juiste samenstelling van kennis/liefde/vrijheid, verspreid over de tijd, hapjes en stukjes van de juiste voeding. Pas daarna kan je losbreken en besluiten: ik ben gelukkig en dan verdwijnt alle rommel die je voor jezelf hebt opgebouwd. Laat ik het anders zeggen, want dit is echt niet meer te volgen.

superegointermezzo
(wil ik dat? Wil ik het uitleggen of wil ik de poezie? Wat een chaos - waar sta ik nu, met elk been in elke wereld? Ik moet een keuze maken - aha, die wereld dus, de linkerhersenhelft weer (eld). De wereld van keuzes, van niet-naast-elkaar-bestaan, talig, lineair, yang, boven, zon, geest.)
/superegointermezzo

Maar anders gezegd dus: om verlossing te bereiken is het nodig tot in elke vezel van je wezen ervan overtuigd te zijn dat het NU aanwezig is, terwijl het ondertussen (tijd trekt dingen uit elkaar) een weg blijkt te zijn waarvan je elke stap nodig had om er te komen, die dingen vergt die zuiver persoonlijk en specifiek zijn.

Ik balanceer op de grens tussen kunst en spiritualiteit. Wat moet ik nu doen slash wat betekent dit? Ik heb morgen iets te presenteren, maar wat? Er is een gedachtesprong nodig (persoonlijk en specifiek).

Albedo.

dinsdag 8 november 2011

Roos

Dag twee, projectweek, gevoel.

Gek, hoe geluk en ongeluk soms samenvallen, zodat het één het ander wordt en het ander het één. Als iedereen iets anders zegt, maar toch hetzelfde, wat is dan waar?
Als je je tegelijk moet afdraaien en openstellen? Als je dingen hebt leren zien en dan ziet dat je hetzelfde nog steeds aan het leren bent? Ik ben een pelgrim in eigen huis. Ik beweeg me rond de hittebron.

Als water tegelijk stijgt en daalt, wat is waar?
Als water tegelijk blust en verhit, wat is waar?
Het water is heet. Verdriet brandt. Tranen zijn van zout. Water besmet en ontsmet, ontsteking, vuur.

Is het mogelijk dingen tegelijkertijd te blijven zien en toch voorwaarts te gaan? Of is dat het voorwaarts gaan? Of volgt het voorwaarts gaan daaruit? Of is het domweg onmogelijk stil te blijven staan? Maar waar is dan de vrije wil? Is het noodzakelijk om te sturen? Of is het noodzakelijk om te genieten? Wat als het elkaar uitsluit? Wat als dit een denkfout is? Wat als het gezwel moet rijpen voor het doorgeprikt kan worden? Wat als dit het leeglopen is? Wat als dit het neervallen is, het dalen?

Het probleem met lijden is, het doet pijn. Het probleem met onwetendheid is, dat je het niet weet. Het probleem met duisternis is, dat je het niet ziet.

Het probleem met tijd is, het trekt alles uit elkaar.

Rubedo, nigredo.

Ik ga morgen naar het bos. Licht bos, donker bos, sterrenbos: geest, dansen, aarde (extatica)

Een verlangen naar vrijheid.

maandag 7 november 2011

Roos

Ik ben een speelkaart, in mijn middenrif loopt een rode lijn: spiegel me en je hebt het antwoord.
Ik ben vlucht-ig, ver-bergen.
Ik stijg op, ik wortel mijn voeten, een ring van vuur, een rode krans van haar, een zwarte kolk boven mijn hoofd, adem en stroom als zang.
Rust, kolken naar mij, Roos. (nar-narrin-aura-koel) Rosan Maurijn Stokkel. Roos-aan Manderijn Gestokkeld.
De zich vormende de-man-ding aan de rand van mijn blikveld. Een zwarte ring.
Koel, kast. Ik snij mezelf in de vingers. Rubedo. Bloed, wind, vuur.
Een aanzwellende angst als prikkelend licht dat warm en koud is, ik bén de angst, de wind, de zon, de aarde nestelt zich in me in de holte van de nacht, geboorte, ik val samen.

(and if she's mad or wise you'll never know)

woensdag 2 november 2011

Stokkelheid (met kleine wetenswaardigheden, als je ze zo mag noemen)

Als ik 'Stokkelheid' zeg, wat zeg jij dan? Juist, de familie Stokkel. Nu moet ik het dus eigenlijk over mijn familie gaan hebben. Hoe maak ik dat zinvol?

Over een een paar weekenden is er een bowlingdag van alle kleinkinderen van opa Stokkel. Helaas heb ik dan misschien iets anders, hopelijk, als dat doorgaat, want het is heel erg leuk (een soort tweedaagse excursie met mijn klas) maar sowieso zit ik er een beetje tegenaan te hikken, want die kant van mijn familie heeft geen gevoel voor poëzie, maar wel voor modder en aarde en donkerte, en alcohol en feesten en een rauw maar warm soort vreugde. Een grote plas aarde. Maar ik ga wel hoor, wees niet ongerust. Ik maak gewoon een kleine cocon voor mezelf en gooi alle kegels om. Of niet.

Ik heb vannacht voor het eerst geslapen op de zolderkamer van Tijmen. Het is fijn hier. Maar ik had gisteravond wel mijn moeder gebeld. FAAAAL.

Het was eergisteren Samhain (een van de jaarfeesten/Halloween) en dan zijn de sluiers tussen de werelden dun, en de kamer was vol mensen. Nu is het nieuwe jaar begonnen. Het nieuwe jaar begint met de winter, de leegte, de stilte, de cocon, en dan wordt de aarde langzaam weer vruchtbaar en ontkiemen de zaadjes die je in de herfst hebt geplant. Ik ben van plan kiemplantjes te planten als ik in Noorwegen ben. Dat zal helpen me te aarden. Een kamerplantje tegen de eenzaamheid. En daarna eet ik hem op. Ach, de wreedheid van de natuur. Een klein ritueel dat gaat over leven en dood, zoals alle rituelen, misschien.

Het is deze week een afsluitende week op school, dus ik zit een beetje up in the air, zoals de Engelsen dat zo mooi zeggen. Volgende week heb ik een projectweek waarin ik een project ga doen dat heet 'de spankracht van het verticale', met andere woorden (?) kunst vanuit gevoel. Hoppakee, de hoogte in.

Vorig jaar had ik in januari een werk gemaakt over die cocon. Dat was het plasticfilmpje. Donderdag ga ik dat weer presenteren, of liever, dan gaat Lotte het voor me presenteren, en we hebben elkaar al uitputtend geinterviewd over elkaars werk. Gek hoe de dingen die overduidelijk voor jou zijn ineens uitleg behoeven. Een cocon gaat over een kleine schuilplaats die de scherpe kantjes van de wereld af haalt, alsof je door een laagje plastic kijkt, maar ook over de frustratie dat het nog niet lukt om je vleugels uit te slaan, alsof je verstikt wordt door datzelfde plastic. De spankracht van het verticale als je nog op de grond staat, de roep van de lucht. Vleugels.

Ik wil afsluiten, aanpakken, ronddraaien, uitwringen en afknijpen.

Good intentions paving company gaat over God, hè. Wauw. Joanna Newsom is pas een engeltje.

licht en aarde.