donderdag 28 april 2011

Recensie 'Schoonheid in de wetenschap'

Prof. dr. Hans Galjaard, emeritus hoogleraar humane genetica aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, heeft voor het Boijmans van Beuningen een tentoonstelling samengesteld. Hij vindt dat de wetenschap mooie beelden oplevert, die eenzelfde schoonheidservaring kunnen oproepen als kunst. Deze ontdekking is niet nieuw. Maar waar kunstenaars als bijvoorbeeld Driessens en Verstappen daar vervolgens iets mee doen, is het hier gebleven bij slechts het tonen van plaatjes van micro-organismen, schimmels en foetussen, die je ook in een biologieboek van de middelbare school kunt vinden.

Stel je een fanatieke wetenschapper voor met hart voor de zaak, zo’n enthousiasteling die warmloopt voor driedimensionale molecuulstructuren, en die bij de ontdekking van onverwachte bacterieculturen in zijn petrischaaltje in een staat van geconcentreerde vervoering raakt. Hij is, wetenschapper zijnde, vooral gericht op het verwerven van nieuwe kennis. Vanuit zijn nieuwsgierigheid en leergierigheid kijkt hij naar de wereld om zich heen, en onderzoekt die. Als hij daar dan onverwacht een vorm van schoonheid in ontdekt zal hij daar door geraakt worden. Dat is de poëzie van de wetenschap. Een vorm van beloning na een dag hard werken in het lab.

Als je in een museum komt en je ziet daar afbeeldingen van esthetisch bijzondere natuurverschijnselen, vooral op micro- en macroformaat, kom je vanuit een volstrekt andere hoek in deze ervaring. Je verwacht kunst te zien. Deze ongefilterde beelden uit de wetenschap zijn niet ontstaan in een zelfbeleefde empirische cyclus van hypothese, methodiek, resultaten en conclusie, en begrijpen wat de felgekleurde abstracte vormen in werkelijkheid zijn doe je ook al niet, laat staan dat je vaak geconfronteerd wordt met niet-esthetische beelden uit de wetenschap. Wat is dus een ervaring van schoonheid in de wetenschap waard als je geen wetenschapper bent? Ze roepen misschien vage herinneringen op aan die plaatjes uit de biologieboeken. Toen droomde je er wel eens bij weg terwijl je eigenlijk logisch moest nadenken. Maar wegdromen bij deze plaatjes als het mag is ineens niet zo interessant meer. Jazeker, het zijn mooie plaatjes. Maar zo bestaan er wel meer mooie dingen op de wereld. Is dat dan ook kunst?

De grote fout die prof. dr. Hans Galjaard vervolgens maakte is het ‘onderbouwen’ van de tentoonstelling met citaten van grootheden op het gebied van filosofie, wetenschap en kunst. Deze staan op de muren geschreven. ‘Ik geloof niet dat iemand een wetenschapper kan zijn zonder ten diepste kunstenaar te zijn’ van William Bragg is er één, en ook Plato, Goethe en Socrates worden erbij gesleept. ‘Wij zien slechts wat wij kennen’, ‘Verwondering is het begin van de wetenschap’ enzovoort. Het is een groot zwaktebod om steun te moeten zoeken bij deze reuzen. Zo indrukwekkend als deze namen zijn is het concept van de tentoonstelling namelijk niet, dat gaat in vergelijking jammerlijk ten onder aan consequente eenzijdigheid. Keer op keer staat er naast het beeld een tekst die begint met een stichtelijke uitleg over bijvoorbeeld het heelal, geologie of de menselijke voortplanting, afhankelijk van het thema, en steevast eindigt met one-liners in de trant van ‘en overal zijn juwelen van onvoorspelde pracht’ of ‘deze foto’s zijn van grote esthetische waarde’. Ja, dat snappen we nu ook wel. Dom op het gebied van esthetiek zijn wij als kunstliefhebbende museumbezoekers namelijk niet. Wel dom misschien op het gebied van wetenschap, en daardoor niet in staat te begrijpen wat zo’n juweel in die context eigenlijk betekent. Want de duizelingwekkende overgang in bewustzijn van het logisch nadenken om kennis te vergaren naar de stille verwondering van het schoonheidsmoment, dat is waar het om draait. En om deze overgang enige impact te laten hebben heeft de gemiddelde museumbezoeker niet genoeg wetenschappelijke grond.

Om terug te komen op Driessens en Verstappen: dit kunstenaarsduo maakt gebruik van mechanismen uit de natuur om kunst te creëren. Een organische vorm op een plasmascherm ontwikkelt zich volgens een door mensen bedachte, in de computer ingevoerde formule en lijkt desondanks precies op een groep delende eencelligen. Zo ga je nadenken over dingen als kunstmatige intelligentie. Vanuit de poëzie van de kunst word je een blik vergund op de spannende mogelijkheden van de wetenschap, met als medium of katalysator een kunstwerk. Ook Driessens en Verstappen zijn dus bezig met de schoonheid van de wetenschap. Maar dan wel in de hoedanigheid van kunstenaar.

Prof. dr. Hans Galjaard had op zich een prima concept (afgezien dan van die citaten), hij heeft alleen het verkeerde museum uitgekozen. Hij had beter naar een natuurwetenschappelijk museum kunnen stappen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen