vrijdag 30 december 2011

Vuurwerk en bruggenbouwen

2011 was geen leuk jaar. Zeg maar gerust: zwaar. Mijn studie liep keer op keer vast, mijn gezondheid liet flink te wensen over, ik kreeg een grote schok in een dierbare vriendschap en een aantal veranderingen aan het thuisfront te verwerken en er stond weinig leuks tegenover. Dit alles werd nog versterkt door een stom medisch dieet dat ik vijf maanden heb gevolgd, tot ik de tegenwoordigheid van geest kreeg dat het niet goed kon zijn als ik er zo moe van werd. Op de valreep ben ik mezelf uit die modder omhoog aan het werken. Aan het thuisfront is het nu rustig, ik krijg weer energie van wat ik eet en mensen die bereid zijn mij te helpen vind ik op onverwachte plekken. Toch zijn het vooral mijn eigen inspanningen die me lonen. Ik ben de afgelopen pakweg vier jaar, vanaf mijn middelbare school, niet echt ' sterker ergens uitgekomen', zoals men pleegt te zeggen. Hoog tijd voor wat inzichtelijke ingrepen in mijn gedragspatronen: een mooie missie voor 2012. En dan nu, in minder klare taal:

De waterdromen zijn geslonken in aantal, daarentegen is er onlangs een reeks heuse vuurdromen ontstoken.

Ik was een lekkende dam: ik droeg de intensiteit van mijn emoties, woede en verdriet, als schild. Ze vonden geen normale uitweg en het waterpeil liep hoog op. Maar de sluis is gebouwd en het water stroomt. Het waterpeil normaliseert zich. De druk verdwijnt en de gaten lekken minder. Maar er zullen druppels zijn en er zal gedicht moeten worden.

Op de bodem van de koude zee vond ik compassie, in het hart van het verschroeiende vuur vond ik passie. 

'Eczeem is los vuur, zeggen de Chinezen,' vertelde mijn therapeut mij. 'Richt je gedachten op de zin: dit vuur in mij. Wat betekent het vuur voor jou?' 

Het vuur brandt gestaag en verwarmend. Het is gecontroleerd en wordt minder getemperd. Maar er zullen strovuurtjes en uitbarstingen zijn en er zal lucht aan gegeven moeten worden.

Op maandag twee januari 2012 zal ik de themaweken hervatten, beginnend bij de letter p. AQUA is dan overbrugd. Ik ga het jaar uit met vuurwerk. Ik waag een sprong naar perfectie. Op de jaarhoroscoop van de plaatselijke Chinees, die hier hangt thuis in Sneek, stond 'Snake: wise and intense, but vain'.  

Maar het is mijn ijdelheid geweest die mij noopte deze AQUA-brug te bouwen. Ik hoop dat Uw wandeling aangenaam geweest is en het uitzicht goed, en ik ben verheugd dat U samen met mij hebt opgelopen. Maar laten we in het nieuwe jaar openen en dichten in een nieuwe omgeving: die van het bos.

Tenslotte...

Een rode hand omklemt het hart van het woud
doorkliefd, maar rustend
onder bladeren als longen

Met vriendelijke groet,
Uw bruggenbouwer

zaterdag 24 december 2011

Verzanden

Ik zit nog steeds in ditzelfde conflict. Wel of niet schrijven over mijn emoties?

Ik moet mijn kunstenaarschap herdefinieren, omdat mijn overtuigingen veranderen. Ik maakte kunst vanuit de behoefte mijn verdriet/pijn op die manier te laten zien. Nu is die drang aan het verdwijnen. Wat blijft, is het verlangen mijn kennis, opgedaan door mijn ervaringen, te delen. Maar dat is iets anders dan kunst. Tenzij ik het in de vorm van poëtisch klinkende metaforen beschrijf, wat ik al een tijdje doe. Dus zo blijven de grenzen tussen mijn kunst en mijn leven vervagen. Ik heb namelijk de overtuiging dat de beste kunst ontstaat als die twee samenvallen.

Maar overtuigingen veranderen, dus mijn kunstenaarschap verandert, dus mijn kunst verandert.

Ik ben er na twee blogs alweer in verzand: ik gebruik mijn intensiteit als schild. Toch is het ook weer niet goed om de conclusie te trekken dat ik niet moet schrijven. Dat is je vinger in de dam steken. Met andere woorden: dat is de verkeerde oplossing voor het probleem. Ik besloot: laat ik met de oplossing bezig zijn, en niet met het probleem, dus laat ik gewoon nog een blog schrijven. Dit is dus niet dapperheid, nota bene, maar een uitleving van mijn neurose in al zijn naaktheid. Ik doe nu precies wat ik in mijn droom deed: druipend van het water iets heel persoonlijks vertellen.

Nu ben ik intens, ja. Maar let even goed op.

Ik vind dit heel eng. Ik twijfel enorm. Ik weet niet wat ik moet doen, hoe ik dit vorm moet geven. Ik ben bang dat jullie, lezers, precies zien wat ik nog niet zie en me daarom niet zullen waarderen.

Laat de sluis geopend zijn!

Ik heb een wens voor mezelf voor het komende jaar: genoeg onderscheidingsvermogen om in deze jungle mijn weg te vinden. Om door de bomen nog het bos te kunnen zien. Afgaand op mijn metafoorkeuze lijkt het erop dat ik weer vaste grond onder mijn voeten heb.

Voor vannacht vraag ik weer om een droom, water- of bosrijk, voor nieuwe inzichten.

Koude golven

De nacht nadat ik schreef dat ik nooit de temperatuur van het water voel in mijn dromen, droomde ik over de zee.

Ter inleiding: ik had de kosmos gevraagd mij weer een waterdroom te sturen, om me inzicht te geven. En ziehier. U vraagt, wij draaien, leek de kosmos te zeggen.

Het water was nu namelijk ijs- ende ijskoud. Ja, dat voelde ik heel goed. Ook was ik daar niet zomaar in terecht gekomen, zoals normaal: ik was daar omdat ik ervoor gekozen had. Ik zocht iets onder water, al wist ik niet precies wat. Ik zou het uit de zee meenemen naar de kust. Iets belangrijks. Anders zou het voor niets zijn. Er was iemand bij me in het water, maar ik kan me niet meer herinneren wie. Ik was in het koude water gestrand op een zandbank en de golven waren heel krachtig, zodat ik bijna mijn hoop verloor. Op de waterkant vond iedereen, al mijn vrienden en familie, dat ik uit het water moest komen, maar ik bleef toch doorzoeken. Het zou best kunnen dat de persoon die bij me in het water was mijn therapeut was.

Uiteindelijk gaf ik toe (gewoontes raak je tenslotte niet zo snel kwijt) en ik kwam vrijwel meteen terecht in een bespreking op school, waar ik, nog druipend van het water, moest vertellen over een werk van mezelf dat ik niet kende, waar ik niet echt achterstond, dat misschien zelfs wel geen werk was maar juist heel privé (zoals deze blog misschien?), en ik bleef maar praten. Ik had het heel koud en mijn vrienden hadden een gloeiend heet vuur aangestoken dat me eerder schroeide dan dat het me verwarmde, maar de reden dat ik doorging was dat ik me vanbinnen warm voelde, of tenminste, dat wenste ik. Mijn docenten besteedden geen aandacht aan me, ze waardeerden me niet, en ik bleef doorploegen in die stroperige materie die zoveel weerstand bood. Ik keerde me af van het vuur van mijn vrienden. Mijn haar bleef maar druipen.

-

Ik had de dagen ervoor voornamelijk doorgebracht met een techniek om mijn emoties te doorvoelen, en dat waren voornamelijk pijn en eenzaamheid (als je nu schrikt zegt dat meer over jou dan over mij). Het koude water voelde precies hetzelfde, dus dat is makkelijk te duiden.

Wat ik hoopvol vind aan het eerste deel van deze droom is dat ik ondanks dat anderen me vertelden dat ik niet langer in het water moest blijven, ik toch mijn eigen moment koos om eruit te komen. En dat ik uberhaupt zelf gekozen had om erin te gaan, omdat ik iets wilde vergaren, zelfs al was het moeilijk. En dat er iemand bij me was. Alles wat daarna kwam, in die bespreking, leerde me nogal wat over mezelf, en het zou confronterend geweest zijn als ik het niet al wist.

In de westerse maatschappij wordt het als positief beschouwd als je doorzet. Maar in de westerse maatschappij wordt het óók als positief beschouwd als je niet zo diep in je emoties duikt. Doorzetten ten koste van het beleven van je emoties is het gevolg. Zo worden we geconditioneerd. Dit is dus wat ik deed in het tweede deel van mijn droom. Het enige wat ik daar positief aan vond is dat ik niet verborg dat ik nog nat (eenzaam, verdrietig) was, dat ik dat aan iedereen liet zien. En wat betreft dat wensen dat ik werd verwarmd door een innerlijk vuur: ik wil graag al mijn kunstuitingen waardevol maken, zelfs als ze ten koste gaan van mijn geestelijke gezondheid.

Wat betreft dat vuur, dat is nogal privé, dus daar laat ik je naar raden. Het is bovendien niet relevant in dit verhaal.

-

Overigens had ik vannacht weer zo'n goede oude waterdroom waarin ik bang was in het water terecht te komen, dus erin terecht kwam, het vervolgens niet voelde en de gemalen en mechanieken die de gevoelloze wereld representeren, tegenkwam. Het is opletten, hoor. De waterrijke delen van mijn dromen verbergen zich onder een nogal narratieve vermomming betreffende bijvoorbeeld extra neefjes en nichtjes met blauwe ogen en blond haar (die zich onder water bevonden, overigens - misschien zocht ik verwantschap, andere, puurdere versies van mezelf, dus: mezelf) en een groot corrupt reclamebedrijf, om maar iets te noemen. Maar die delen, hoewel aantrekkelijk in hun absurditeit, laat ik links liggen (hoewel...) omdat de continuiteit van de wateraspecten me veel meer over mijzelf kan vertellen.

Dan even iets anders. De kerst komt eraan, een gelegenheid die bij uitstek geschikt is om de al dan niet knellende banden van je familie aan te halen, of daar zelfs ronduit gestresst over te zijn. Dit is algemene kennis. Morgen gaan we gourmetten met oma. Ik verwacht minstens één te nemen hobbel betreffende biologisch eten. Ik eet dat, en dat is wellicht aanstellerij. In die hoek kunt u het zoeken. Daar worden dan hints, zogeheten steken onder water over gegeven, in de trant van 'dit is echt heeeerlijke soep, je weet niet wat je mist, daar heeft je moeder op gezwoegd, hoef je echt niet?', maar om de sfeer, die zo geprezen kerstsfeer, niet te bederven dien ik mij in te houden en beleefd te weerleggen dat ik het 'niet erg vind om geen soep te nemen', en andere weinig bevredigende weerwoorden.

Wellicht heeft u te maken met dezelfde familiepatronen: iemand is gevoelig en heeft de daarbij horende behoeftes. Iemand anders, die zijn of haar gevoeligheid niet onderkent, vanwege de aangeleerde gewoonte dit te classificeren als 'zelfmedelijden' of 'aanstellerij', zal hier, afhankelijk van de zijde van het medaillion, hetzij verwijtend ('wat een aanstellerij', of, meer verhuld 'je moeder heeft de soep zo lekker klaargemaakt') hetzij verzoenend (maar daarbij nog onderscheid makend: 'maar voor één keertje is het toch niet erg?' of 'zoveel verkeerde stoffen zullen daar toch niet inzitten?') op reageren, en de arme gevoeligerd, eveneens geconditioneerd in dit patroon, zal als de wiedeweerga toegeven en uit het water komen. Tenzij hij of zij zich bewust is van het patroon en weet dat het geen aanstellerij is. Dan is het water helder en is een enkele duik genoeg. Dán is er sprake van een innerlijk vuur dat de kou kan verdragen, om maar even een linkje te leggen. En dan kan daarna inderdaad de sfeer bewaard worden, omdat het soms niet loont om diep ingesleten patronen te willen veranderen. Bij tachtigjarige mensen bijvoorbeeld. Maar ook dat is niet mijn mening, maar de hare. Ik vind: het is nooit te laat om te veranderen.

Een kerstdiner is hiervoor echter niet de geschikte plek. Ik neem deze verantwoordelijkheid niet op me omdat ik tenslotte ook gezellig wil gourmetten. En ik geef haar in andere vorm waar ze behoefte aan heeft: liefde en gezelligheid.

Met deze ietwat dubieuze kerstgedachte wil ik graag afsluiten.

woensdag 21 december 2011

Zelfs water heeft een weerstand

Ik zit een beetje in een conflict, moet ik eerlijk bekennen.

Eerst: vanwaar de lange radiostilte? Gaat het wel goed met mij? Ben ik aan het afglijden? Of verdrinken, om maar even in het waterjargon te blijven? Nee. Maar als ik geen hulp had gehad zou dat wel gebeurd zijn. Ja, u leest het goed, hulp. Een holistische, natuurgeneeskundige hulp, die zowel op emotioneel als lichamelijk vlak behandelt. Ik ben hier erg over te spreken.

Dat is één anker van het dilemma. Moet ik hierover praten? Moeten de impulsen die mijn dit mij geeft de leidraad zijn voor mijn blog? (Niet dat zulke overwegingen mij ooit hebben tegengehouden, trouwens. Ik ben een lekke dam. Erg afschrikwekkend, ja, sorry. Ik doe mijn best een goedwerkende sluis te bouwen. Maar god mag weten hoe je sluizen bouwt.)

Misschien in een afgeleide, poëtische vorm. Dat is tenslotte hoe kunst bij mij altijd gestalte krijgt: gecodeerde, afgeleide, geromantiseerde emoties. En niet zomaar 'emoties', nee, één bepaalde groep emoties. Verdrietige. Daarom heeft mijn werk vaak een wat melancholiek sfeertje, hieronder gedemonstreerd:


Even een reminder: deze blog heet nu niet voor niets AQUA, en ik onderteken mijn blogposts niet voor niets met het woord aquarius. Dit betekent voor mij de bewustwording (het aquariustijdperk draait om bewustwording) van water, het water dat zich in mijn onderbewuste ophoudt. Ik droom regelmatig over water, namelijk, dat ik erin terechtkom, dat het me meesleurt in onderstromen, gemalen - en dan houdt de droom op. Ik kan het goed onderdrukken, namelijk. Ik voel het water in mijn droom ook niet. In je dromen zit je gewoontebewustzijn aan het stuur: de reacties in je droom zijn de reacties zoals je ze gewend bent. Zoals je geconditioneerd bent, om er even wat psychologie in te gooien.

Ik zie eczeem, en de oude Chinezen met mij, als heet water. Water en vuur zijn twee polen van dezelfde reinigende energie. Daarom hebben zowel weegbree als brandnetel grofweg dezelfde geneeskrachtige werking: ze zuiveren het bloed. Beiden helpen tegen eczeem. Maar ze werken ook tegengesteld: als je je hebt gestoken aan een brandnetel helpt het om er met gekneusd weegbreeblad over te wrijven. Ik drink vaak brandnetel- of weegbreethee. Soms meng ik het. Daar ben ik een beetje zenuwachtig over. Ik weet niet wat het doet om twee tegengestelde krachten te mengen. Wordt de reinigende werking dan versterkt, of is plus + min = neutraal? Wat zijn de werkzame stoffen erin eigenlijk en hoe werken ze? Zijn het dezelfde of vullen ze elkaar aan of werken ze elkaar zelfs tegen?

Ik ben, al associërend en lerend, een web van informatie aan het vormen dat mij helpt bij mijn genezing. Dit betreft de geestelijke, symbolische wereld, maar ook de materiele dus, in de vorm van voeding en het spijsverteringskanaal, zoals in de voorgaande alinea gedemontstreerd. Alles om het hete water eruit te laten lopen. En dan heb ik het niet over aderlaten, maar over het uiten van mijn emoties, zo belangrijk in therapie. Dat kan ik niet zo goed in het echte leven, en velen met mij. Maar dus vandaar dat ik deze blog bijhoud, en vind je het gek: dan is het hier ineens een waterval.

Maar ik had het over de vorm die mijn kunst nu moet aannemen. Daarmee zit ik behoorlijk in mijn maag. Mijn therapeut heeft nogal stellige ideeën over kunst, wat ik zowel ergerlijk als verfrissend vind. Hij zegt dat ik kunst moet (daar heb je het al) gaan maken vanuit positieve gevoelens, en niet zo 'laag op de toonschaal'. Hij heeft een toonschaal: een met smileys geillustreerde kaart met daarop een stuk of 40 emoties, beginnend bij 'serene staat' en eindigend bij 'totale mislukking', die daartussen in sprongen van 'tevreden' naar 'woede' naar 'angst' naar 'verdriet' en tenslotte naar ronduit depressieve gevoelens als boetedoening, schuld, andere lichamen verafgoden en 'je niets voelen' gaat. Er zitten subtiele omslagpunten tussen die emoties. Zo gaat 'tevreden' naar 'woede' via ontevreden, pijn en openlijke vijandigheid of iets in die richting. Ik kan het me niet meer precies herinneren, maar dan heb je een beetje een beeld.

Ik maak kunst vanuit verdriet en medeleven (die komen na elkaar). Daarom heeft het voor mij ook een troostende functie. Zo blaas ik stoom (heet water) af. De taal zit vol uitdrukkingen die mij ten dienst zijn in deze wateranalogie. Stoom afblazen gaat ook over woede. Hoe zit dat dan met die woede? Is woede niet vuur, en verdriet water? In de Indiase geneeskunst, de Ayurveda, zijn er drie energieen die je in je lichaam in balans moet houden: vata, pitta en kapha. Pitta is voornamelijk vuur, met een beetje water erin. Heet water. Een overschot aan pitta, zo leerde de Ayurveda mij, veroorzaakt eczeem, een hete, jeukende ziekte. Als je je emoties niet uit word je ziek. Woede en verdriet zijn twee kanten van dezelfde medaille. Woede is dezelfde energie, ergens tegen gericht, bij verdriet weet je het niet meer. Woede geeft kracht, verdriet ontkracht. Ik kan me beter boos voelen, zegt de therapeut, want dan richt ik die energie tenminste ergens op in plaats van dat ik hem laat ontsnappen. Overigens is de therapeut niet van de Ayurveda of Chinese geneeswijzen, dat komt uit boekjes die ik zelf heb gelezen, maar ik combineer het zelf allemaal zo het mij uitkomt.

Oké, mijn dilemma heeft nu al een beetje vorm gekregen. Je kunt het misschien wel raden. Enerzijds heb ik behoefte om mijn kennis over gezondheid, psychologie, alternatieve geneeswijzen en voeding te delen, en die komt voort uit mijn eigen weg, anderzijds wil ik ook gewoon kunst maken, en die komt ook voort uit mijn eigen weg. En laat 'mijn eigen weg' - toegeven,een wat onhandige formulering - op dit moment een beetje laag in de toonschaal zitten. Niemand wil graag naast een lekkende dam zitten. Maar voordat de sluis gebouwd is ontstaan er toch steeds nieuwe gaten. Deze blog is een prima oplossing, omdat ik het over beide aspecten van mijn leven kan hebben, blijkt keer op keer. Deze blogpost is ook nu weer een antwoord op de vraag die ik erin stel.

Maar dit had ik al uitgelegd in de andere aqua-blogs. En hoe waardevol het ook is om met voortschrijdend inzicht dezelfde informatie uit te leggen, zo kom ik nooit toe aan het verspreiden van mijn kennis. Zo blijf ik stilstaan. Dat is met de gaten bezig zijn in plaats van met de sluis.

Wat nu? Aha. Hier komt de creativiteit om de hoek kijken.

Ik heb al minstens één creatief besluit genomen (mijn therapeut zou zeggen: een besluit is de ultieme creatie). Ik ga, in navolging van de zovele foodblogs die je op internet vindt, mijn eten fotograferen. Ik eet namelijk heel bewust en gezond en hopelijk inspirerend voor U allen. Oké, het is niet geniaal, en misschien een beetje een anticlimax, maar kom op, je hoeft alleen maar plaatjes te kijken dus zo moe hoef je er ook weer niet van te worden. Verwacht dus de komende tijd (lees: als ik na reeds twee dagen gezocht te hebben eindelijk die vermaledijde oplader van mijn camera heb gevonden) een paar visuele culinaire fotoshots tot u te nemen. Dat zit in ieder geval hoog op de toonschaal. En verder maak ik gewoon lekker een paar melancholieke tekeningetjes. Wie weet bouw je zo een sluis.

Dit wordt nog een hels karwei. Zal ik ooit de sprong naar perfectie kunnen wagen? U leest het volgende week in 'AQUA, het verhaal van het lekkende darmkanaal'.

vrijdag 16 december 2011

Het hoofd boven water houden

Even een berichtje om te zeggen dat ik nog steeds rondloop op deze aardbol, zij het wat minder in virtuele vorm, omdat ik geen zin heb om kort noch lang naar lichtgevende schermpjes te staren. Mijn excuses voor verlate reacties, mobiel danwel per digitale post.

Ze zeggen dat je het nooit verleert, eigenlijk. Maar laat toch één ding als een paal boven water staan: ik kan weer zwemmen!

Meer informatie volgt.

maandag 21 november 2011

Nog even over dat water dus

Weer een waterdroom gehad, niks wc, gewoon huppakee weer in het water terechtgekomen en er waren allerlei stromingen die je naar onderen zouden trekken met behulp van gemalen onder water, bah. Afgezien van de waterdromen onthoud ik mijn dromen niet meer: het gaat mij om de lijn die de waterdromen vertonen. Later kan ik dat dan interpreteren.

Ik sta tot mijn knieën in het metaforische water nu, want ik kan niet kiezen tussen het droge en het diepe. Of, beter gezegd, ik durf niet in het diepe te duiken omdat ik dan vaste grond onder mijn voeten verlies. Dit gaat over mijn studiekeuze. Ik ben aan het overwegen te stoppen met Minerva, eng! En wat dan? Geen haastig geconstrueerd alternatief in ieder geval. Ik moet rustig leren zwemmen, anders spoel ik straks weer aan. Dat houdt in dat ik leer de signalen van mijn lichaam te begrijpen. En ondertussen ook gewoon mijn intuïtie (veel fijnstoffelijker, dus moeilijker) proberen te voelen, ook al zijn er zoveel dwaallichtjes in dit kniediepe moeras. Waar is het echte licht?

Het gaat erom te duiden wat ik wil. Dat weet ik niet precies: ik durf niet te weten wat ik wil, omdat ik bang ben voor de consequenties van de keuze voor het onzekere. Tot nu toe heb ik, op de momenten dat er een crisis was en ik thuis zat en alle energie zich op één punt begon te richten, door onwetendheid en angst op dat punt een chaos gemaakt. Daardoor ging er veel energie verloren, en moest de energie zich wéér gaan concentreren, dat kostte tijd, dus besloot ik maar voor zekerheid te kiezen (een baantje, een studie). Nu ben ik me ervan bewust en een klein beetje ouder een wijzer, dus laten we hopen dat het deze keer wel lukt de juiste weg in het moeras te vinden.

maandag 14 november 2011

A - qua

Ik zet mijn blog tijdelijk op pauze. Dit betekent niet dat ik zal stoppen met schrijven. Dat kan ik toch niet laten. Ik blijf bloggen, alleen niet volgens de structuur die je gewend bent.


Zoals je weet, heeft elke week hier een thema. De woorden van de alfabetische aftelling uit het motto zijn dan aanleiding tot blogs, en deze week zou het thema 'qua' zijn en de titel 'Q!', maar ik maak een kleine aanpassing. De komende weken - lees: voor onbepaalde tijd - is het aqua-tijd, een non-tijd die alles wat er nog komen zal, van a tot qua, alvast benoemt en veilig stelt, die de komende aftelweken zowel overkoepelt als zich er buiten plaatst, gevormd vanuit reeds aangetroffen materie: een transformatie van de qua-week tot iets nieuws: qua plus a.



Dit is zuiver persoonlijk: het is mijn aqua-tijd, die zich achter het weefsel van de lineaire illusie voortbeweegt, zonder richting, zonder doel, maar altijd doelmatig. Dit om acem (een freudiaanse vertyping, ik bedoel natuurlijk adem, dat zwammende zwemmende onderbewuste ook...) te verzamelen voor de sprong naar perfectie. De aqua-tijd is een noodgedwongen pauze om de slome gang van de raderen die dreigen vast te lopen een halt toe te roepen, er licht op te laten schijnen en ze wellicht zelfs te smeren. 


De themaweken zullen weer starten wanneer ik daar zin in heb, met het woord 'perfect', want wij van nabeelden.blogspot.com leggen de lat graag lekker hoog. De gedachtesprong die ik aankondigde in mijn vorige blog, om uit deze ruwe materie een kunstwerk te destilleren, zal over deze lat heen springen, als een vliegende vis, en de dingen zullen terugkeren naar de oude gang van zaken, maar met een nieuwe bewustzijnsdimensie.


Waarom pauzeer ik? Dit heeft de volgende reden: ik moet nu eerst een heleboel heet water (aqua) oplossen voor ik verder kan draaien. Ik moet als het ware een waterrad worden. Een waterrat. (Die gaat nog terugkomen, ik voel het aan mijn water) (deze alinea verwatert...)


De waterdromen veranderen (in het onderbewustzijn is alles continu aan verandering onderhevig, er is geen goed of slecht of verlossing of eindigheid) (effe een lekkere parenthese over het onderbewustzijn kan er áltijd tussendoor). Nu ga ik daadwerkelijk naar de wc in de wc-hokjes, in plaats van tegen wil en dank in de ruimte ervoor terecht te komen. Ik ruik zelfs een geur (heel vies ja), en sta met mijn voeten in het water op de grond. Met andere woorden, ik kom via mijn zintuigen in contact met deze plaatsen van vuil en schoonspoeling.


Heet water is natuurlijk (ja, natuurlijk, beste mensen, dit spreekt allemaal toch vanzelf) een metafoor voor verdriet. Zoute, hete tranen. In de p-week kan ik dit gaan destilleren en met het zout aan de slag: nu is het water nog vervuild, niet drinkbaar.


Ik ben bang voor spinnen, dat ze op me terecht komen of, erger nog, in me kruipen, maar eigenlijk zijn het niet de spinnen waar ik bang voor ben, maar de spinachtigen, de huisstofmijten. Gecombineerd met de waterdromen gaf dit mij het inzicht dat ik aan een imaginaire vorm van smetvrees lijd: ik vind deze wereld maar vies en vervuilend. Ik heb daar veel verdriet over, en ook over het feit dat ik hier ben. In het aquariustijdperk kun je zulke dingen niet meer voor jezelf verbergen. Dan lopen de raderen vast. Ik ben niet overspannen of zo, maar als ik zo doorga word ik dat wel. Ik weet nog niet wat ik qua studie ga doen, maar wel dat ik een heleboel aqua-studie ga doen. Als dit proces voorbij is zal alles vanzelf perfect aanvoelen. Misschien duurt het een paar weken, misschien maanden, misschien zelfs jaren. Misschien is dit slechts het topje van de ijsberg en herbergt dit water diepten die ik niet vermoeden kan. Hoe dan ook, ik zal er verslag van doen, in de aqua-tijd.

Deze blogs vereisen een andere manier van lezen. Probeer via de poëzie ervan een deurtje naar binnen te vinden en het te begrijpen zoals je het patroon van kale takken tegen de lucht begrijpt. Dit is de aard van het onderbewuste: je kunt het niet vangen, maar je kunt er wel in zwemmen, en als je eraan gewend bent zul je je als een vis in het water voelen, of in je element, als een waterrat. Maar natuurlijk is dit mijn onderbewuste. Er zijn elementen die onpersoonlijk zijn, zoals het vergelijken van het onderbewuste met water, dat zal iedereen kunnen begrijpen, maar de connectie die ik maak met verdriet is misschien iets moeilijker te vatten, want deze is subjectiever. Daarentegen is verdriet een universele emotie. Blijf lezen als je het herkent, zou ik zeggen, en haak af als dat niet het geval is.


(en misschien ga ik ooit alle referenties die ik maak uitleggen, zoals mijn verwijzingen naar alchemie (nigredo, albedo, rubedo), diverse natuurgeneeswijzen en het Aquariustijdperk - maar je kunt het ook zelf googlen als je er geïnteresseerd in bent) 

donderdag 10 november 2011

Roos

dag 3 en 4, kunst vanuit gevoel

Ik ben naar het bos geweest, gewoon het stadsbos, het Sterrenbos. Vlakbij woont een vriendin (Toni) ik ging spontaan naar haar toe en ben de rest van de middag bij haar gebleven, dat was goed en van groot belang.

Ik droomde van opstijgen en vliegen, maar ook de wc-hokjesdroom (water dat overal uit druipt). Meestal droom ik dat het water op mij komt, dat ik dat niet wil, dat ik het contact met de uitgang verlies en dat overal hokjes zijn. Het water is naar. Deze keer wou ik mijn handen wassen en gelukkig was er geen kraan die ik moest aanraken (smetvrees) maar moest ik het aansturen via de laptop van mijn moeder. Hij was al aan en ik drukte hem uit, oeps, dus geen water voor mij. Het is een laptop van Acer, maar in mijn droom was het Acem.

Freud zegt dat versprekingen in dromen van grote betekenis zijn. Dus ik googlen en het is een meditatietechniek uit Noorwegen, het gebouw zit nota bene naast Minerva (uithangbordje zie ik immers altijd hangen als ik naar binnen loop). Op de website staat: 'in de roos met acem-meditatie', en 'het is alsof je een contemplatieve wandeling in de bossen maakt, binnenin jezelf.'

Een deel van mijn interpretatie: het water is nu aan te sturen via de geest.

De allereerste waterdromen waren nog wc-hokjesloos, het betrof zwembaden die leegliepen en tegelijk volliepen, ik was erin terecht gekomen en liep weg met het water, het stortte in tanks, kwam in sluizen en gemalen, ik was erin, hulpeloos, angst. Daarna werd het water allengs minder, ik kwam erin terecht via de douchehokjes, waar plotseling water uit het plafond en de muren kwam, als douches, en dan kwam ik in de leidingen erachter terecht, er waren heel veel douchehokjes in het begin, en de uitgang was zoek. Later werden het wc-hokjes, en minder in getal, en ook minder water - alleen de dreiging van het water was er nog, en de uitgang bleef in zicht. Nu kan ik het water controleren, nog niet helemaal, maar het sleurt me niet meer mee.

Dit is slechts een deel van het associatieweb/betekenisveld dat zich zou kunnen ontvouwen aan de hand van deze droom. Alles heeft betekenis, elke ingeving is te volgen: dit is een andere manier van denken, het rechterhersenhelftdenken. Wat in mijn vorige twee blogs stond is het resultaat van dit denken: nu ben ik minder ver gegaan, dus ik vertel de droom, niet de betekenis.

Ik dwaalde in de bossen van mijn onderbewuste, deze week. Maar gisteren en vandaag liet ik dus dingen vallen, het was niet eens zo erg. (eieren, in de supermarkt) (ja, letterlijk en figuurlijk, zoekwoord: synchroniciteit)

De vraag is niet: wat moet ik nu doen? (links) De vraag is: wat betekent dit? (rechts)

Er waren geen geestverruimende middelen nodig om in deze toestand te geraken. Het was als stoned zijn: het hield niet op als ik naar buiten ging, ik werd er gek van, of wijs. Zolang ik mijn gevoel maar volgde (specifiek en zuiver praktisch van aard, van het voedsel dat ik at tot het voelen van de abstracte weerstanden die ik voelde in mijn lichaam, stap na stap, radertje na radertje).

In de volgende droom steeg ik niet meer, ik beklom en daalde een trap af, een eindeloos hoge, maar ik kon omkeren en afdalen (aarden) wanneer ik wou, zelfs helemaal tot de grond, en opstijgen, wat ik sowieso makkelijker vind. Nu was het niet meer nodig alles te herinneren als een geheugenpaleis. Ik heb heel hard gewerkt in mijn droom. Mijn gevoel zei de volgende: het is genoeg, nu heb ik afleiding nodig. Je kunt niet altijd in de zon blijven staren.

Ik ben me nog nooit zo bewust geweest van vrije keuze als in deze dagen.

Ego en superego houden zich even gedeisd, ze hebben lang genoeg stem gehad, zijn getraind van t tot z. Mijn excuses dat de humor die daaruit volgt niet aanwezig is: dit is ontkrachtend nu. Ik schrijf vanuit gevoel, de intuitieve kenwijze.

En nu de alinea die alles duidelijk zal maken:
Het was projectweek en de bedoeling was om kunst vanuit gevoel te maken, dus niet vanuit emotie (angst, woede, verdriet en hun positieve tegenpolen). Gevoel is lichamelijk, onpersoonlijk, veranderlijk als een draaiend blad, en toch ook onderdeel van mij (R-week, Roos, ik). 'Er is veel gevoel, maar de kunst staat op een laag pitje,' zei ik aan het begin van de week tegen mijn docente over mijn situatie. Ik zei: 'ik heb het gevoel naar het bos te moeten gaan maar weet niet of daar kunst uit voortkomt of niet.' Ze gaf me de vrijheid met als voorwaarde vrijdag terug te komen om mijn proces te beschrijven. Ik worstelde met de lineaire kant van de dingen: ik wou alleen het non-lineaire. Tot ze in elkaar oplosten (niet zomaar, dit vergde WERK) en ik samenviel met mezelf en gelukkig en ongelukkig was, en toen trok alles zich terug zodat ik alleen het weefsel van de wereld zag en niets zei me wat ik moest doen, zelfs mijn gevoel niet, want ik wás mijn gevoel, dus dit is vrije keuze, dacht ik, nou in dat geval kies ik voor het goede, en dat is áltijd liefde, meer liefde. Jij zou hetzelfde doen als je het zo helder zag. En toen was ik gelukkig en nu is alles weer lineair en duaal.

Maar let wel: de weg hiernaartoe is specifiek en noodzakelijk en causaal, je hebt een zekere opeenvolging van dingen nodig voor je verder kan, een juiste samenstelling van kennis/liefde/vrijheid, verspreid over de tijd, hapjes en stukjes van de juiste voeding. Pas daarna kan je losbreken en besluiten: ik ben gelukkig en dan verdwijnt alle rommel die je voor jezelf hebt opgebouwd. Laat ik het anders zeggen, want dit is echt niet meer te volgen.

superegointermezzo
(wil ik dat? Wil ik het uitleggen of wil ik de poezie? Wat een chaos - waar sta ik nu, met elk been in elke wereld? Ik moet een keuze maken - aha, die wereld dus, de linkerhersenhelft weer (eld). De wereld van keuzes, van niet-naast-elkaar-bestaan, talig, lineair, yang, boven, zon, geest.)
/superegointermezzo

Maar anders gezegd dus: om verlossing te bereiken is het nodig tot in elke vezel van je wezen ervan overtuigd te zijn dat het NU aanwezig is, terwijl het ondertussen (tijd trekt dingen uit elkaar) een weg blijkt te zijn waarvan je elke stap nodig had om er te komen, die dingen vergt die zuiver persoonlijk en specifiek zijn.

Ik balanceer op de grens tussen kunst en spiritualiteit. Wat moet ik nu doen slash wat betekent dit? Ik heb morgen iets te presenteren, maar wat? Er is een gedachtesprong nodig (persoonlijk en specifiek).

Albedo.

dinsdag 8 november 2011

Roos

Dag twee, projectweek, gevoel.

Gek, hoe geluk en ongeluk soms samenvallen, zodat het één het ander wordt en het ander het één. Als iedereen iets anders zegt, maar toch hetzelfde, wat is dan waar?
Als je je tegelijk moet afdraaien en openstellen? Als je dingen hebt leren zien en dan ziet dat je hetzelfde nog steeds aan het leren bent? Ik ben een pelgrim in eigen huis. Ik beweeg me rond de hittebron.

Als water tegelijk stijgt en daalt, wat is waar?
Als water tegelijk blust en verhit, wat is waar?
Het water is heet. Verdriet brandt. Tranen zijn van zout. Water besmet en ontsmet, ontsteking, vuur.

Is het mogelijk dingen tegelijkertijd te blijven zien en toch voorwaarts te gaan? Of is dat het voorwaarts gaan? Of volgt het voorwaarts gaan daaruit? Of is het domweg onmogelijk stil te blijven staan? Maar waar is dan de vrije wil? Is het noodzakelijk om te sturen? Of is het noodzakelijk om te genieten? Wat als het elkaar uitsluit? Wat als dit een denkfout is? Wat als het gezwel moet rijpen voor het doorgeprikt kan worden? Wat als dit het leeglopen is? Wat als dit het neervallen is, het dalen?

Het probleem met lijden is, het doet pijn. Het probleem met onwetendheid is, dat je het niet weet. Het probleem met duisternis is, dat je het niet ziet.

Het probleem met tijd is, het trekt alles uit elkaar.

Rubedo, nigredo.

Ik ga morgen naar het bos. Licht bos, donker bos, sterrenbos: geest, dansen, aarde (extatica)

Een verlangen naar vrijheid.

maandag 7 november 2011

Roos

Ik ben een speelkaart, in mijn middenrif loopt een rode lijn: spiegel me en je hebt het antwoord.
Ik ben vlucht-ig, ver-bergen.
Ik stijg op, ik wortel mijn voeten, een ring van vuur, een rode krans van haar, een zwarte kolk boven mijn hoofd, adem en stroom als zang.
Rust, kolken naar mij, Roos. (nar-narrin-aura-koel) Rosan Maurijn Stokkel. Roos-aan Manderijn Gestokkeld.
De zich vormende de-man-ding aan de rand van mijn blikveld. Een zwarte ring.
Koel, kast. Ik snij mezelf in de vingers. Rubedo. Bloed, wind, vuur.
Een aanzwellende angst als prikkelend licht dat warm en koud is, ik bén de angst, de wind, de zon, de aarde nestelt zich in me in de holte van de nacht, geboorte, ik val samen.

(and if she's mad or wise you'll never know)

woensdag 2 november 2011

Stokkelheid (met kleine wetenswaardigheden, als je ze zo mag noemen)

Als ik 'Stokkelheid' zeg, wat zeg jij dan? Juist, de familie Stokkel. Nu moet ik het dus eigenlijk over mijn familie gaan hebben. Hoe maak ik dat zinvol?

Over een een paar weekenden is er een bowlingdag van alle kleinkinderen van opa Stokkel. Helaas heb ik dan misschien iets anders, hopelijk, als dat doorgaat, want het is heel erg leuk (een soort tweedaagse excursie met mijn klas) maar sowieso zit ik er een beetje tegenaan te hikken, want die kant van mijn familie heeft geen gevoel voor poëzie, maar wel voor modder en aarde en donkerte, en alcohol en feesten en een rauw maar warm soort vreugde. Een grote plas aarde. Maar ik ga wel hoor, wees niet ongerust. Ik maak gewoon een kleine cocon voor mezelf en gooi alle kegels om. Of niet.

Ik heb vannacht voor het eerst geslapen op de zolderkamer van Tijmen. Het is fijn hier. Maar ik had gisteravond wel mijn moeder gebeld. FAAAAL.

Het was eergisteren Samhain (een van de jaarfeesten/Halloween) en dan zijn de sluiers tussen de werelden dun, en de kamer was vol mensen. Nu is het nieuwe jaar begonnen. Het nieuwe jaar begint met de winter, de leegte, de stilte, de cocon, en dan wordt de aarde langzaam weer vruchtbaar en ontkiemen de zaadjes die je in de herfst hebt geplant. Ik ben van plan kiemplantjes te planten als ik in Noorwegen ben. Dat zal helpen me te aarden. Een kamerplantje tegen de eenzaamheid. En daarna eet ik hem op. Ach, de wreedheid van de natuur. Een klein ritueel dat gaat over leven en dood, zoals alle rituelen, misschien.

Het is deze week een afsluitende week op school, dus ik zit een beetje up in the air, zoals de Engelsen dat zo mooi zeggen. Volgende week heb ik een projectweek waarin ik een project ga doen dat heet 'de spankracht van het verticale', met andere woorden (?) kunst vanuit gevoel. Hoppakee, de hoogte in.

Vorig jaar had ik in januari een werk gemaakt over die cocon. Dat was het plasticfilmpje. Donderdag ga ik dat weer presenteren, of liever, dan gaat Lotte het voor me presenteren, en we hebben elkaar al uitputtend geinterviewd over elkaars werk. Gek hoe de dingen die overduidelijk voor jou zijn ineens uitleg behoeven. Een cocon gaat over een kleine schuilplaats die de scherpe kantjes van de wereld af haalt, alsof je door een laagje plastic kijkt, maar ook over de frustratie dat het nog niet lukt om je vleugels uit te slaan, alsof je verstikt wordt door datzelfde plastic. De spankracht van het verticale als je nog op de grond staat, de roep van de lucht. Vleugels.

Ik wil afsluiten, aanpakken, ronddraaien, uitwringen en afknijpen.

Good intentions paving company gaat over God, hè. Wauw. Joanna Newsom is pas een engeltje.

licht en aarde.

donderdag 27 oktober 2011

Domme donderdag

Het is vandaag domme donderdag omdat het gisteren niet wetenswaardige woensdag was! Jaja, mensen, dat is wat er dan gebeurt!

Mijn docente zei dat mensen die niet geïnteresseerd zijn in mijn blog niet verder lezen dan de eerste twee zinnen, dus dit is een goed moment om alle lieve mensen te bedanken die mijn blog wél lezen! Dank je. Dat betekent veel voor me. Echt. Liefde.

Nu, waarom duurde het zo lang? Er waren een aantal dingen aan de hand, die ik zal bespreken aan de hand van een thema. Ik zal proberen in deze blog zo dom mogelijk te zijn. Want dat doen we op domme donderdag. Dat wil zeggen: zo weinig mogelijk na te denken en zoveel mogelijk direct mijn emoties te uiten. In de alinea hierboven was dat liefde (is dat een emotie?) Maar natuurlijk is schrijven, taal, per definitie denken. Dus eigenlijk kan ik veel beter een beeldend werk maken. Maar eerst moet ik dit doen. Dit zijn de blogs die ik niet heb gepost. Mijn excuses voor de herhaling. Maar zo gaan die dingen, we kauwen en herkauwen de thema's die het leven ons toespeelt, als een draaiend wiel dat keer op keer hetzelfde tegenkomt.

Thema: uitbreidend snorrenbos
Zondagavond met een vaag gevoel van heimwee...

De herfstvakantie is gewoonweg voorbijgevlogen. Het was zo fijn! Het was zo mooi! Ik ben blij en tevree en heel moe. Vooral van de laatste twee dagen. Vrijdag ging ik spontaan een dagje naar Bremen met mijn vader. Niet zomaar: ik moest nog een aantal museumpunten van vorig jaar inhalen, en ik zat al met de handen in het haar, want ik was dinsdag naar een druilerig en ongeïnspireerd Rotterdam geweest, echt ontzettend stom - zoals je in mijn vorige blog kunt lezen - en ik moest er twee dagen van bijkomen en het leverde niet eens zoveel punten op. Maar Bremen was zonovergoten en vriendelijk: wat een mooie stad, zo rustig en ruim. Ik kreeg kippenvel. Dat heb ik niet vaak. De kunstenaar waarbij dit gebeurde was Michael Wutz, een beetje duister, maar zulke mooie etsen en tekeningen en zelfs een animatie. En nu heb ik al mijn museumpunten binnen! Dat is erg fijn, want ik heb een irritante achterstand van vorig jaar die me de stress op de tanden jaagt, al heb ik de druk er wel een beetje vanaf gehaald met mijn besluit niet naar Bergen te gaan.

Meteen de dag erna had ik 's avonds het huiskamerconcert van Anne-Fleur, en dat was ook heel mooi. Ook de andere artiesten, JaneLynn en Kristian Salisbury. Het was eigenlijk niet een concert van Anne-Fleur, maar van Tree Like Fun, haar duo met Tineke Hussaerts. Hun optreden was een beetje cabaretachtig, wat ik erg leuk vond want daar hou ik wel van. En nu ben ik moe en tevreden en ik ben in zo'n bui dat ik niet zo goed blogs kan schrijven en alleen maar enthousiast kan stuiteren, kijk maar: het was echt een gezellige huiskamer en sympathieke mensen en het was leuk om Anne-Fleur eens te ontmoeten na jáááren van internetcontact.

Kortom, ik heb heule mooie kunst gezien, heule mooie muziek gehoord, en wat het allemaal draaglijk maakt: ik ben zelf ook bezig geweest. Mijn snorrenfilmpje is eindelijk af!

Ik heb ook wat nieuwtjes, waar jullie natuurlijk allemaal op zitten te wachten! Mijn moeder had het over een nieuwe methode om een betere darmflora te krijgen: dan krijg je poep van iemand anders geïnjecteerd. Nogal ranzig als je het mij vraagt. Dat ga ik dus niet doen. Wat ik wel ga doen is een soort spirituele therapie, waar ik woensdag voor de eerste keer naartoe ga. (Ja, dat klinkt toch een heel stuk minder erg na een verhaal over poepinjecties.) Ik ga woensdag ook hospiteren bij een heus studentenhuis, voor het eerst in mijn leven. En ik heb woensdag mijn eerste theaterles (die vorige was een gratis introductieworkshop). En ik wil mijn woensdag altijd vrij houden AAAAAH. Ik ben me er deze week dus bewust van geworden dat ik best wel een enorme stresskip ben. Maar ja, wat doe je eraan?

Ik heb een soortement duo gevormd met Anna, dat wil zeggen, we gaan samen een filmpje maken. In het bos. Ik ben bezig mijn beeldende werk weer een beetje op de rails aan het krijgen, en dat komt door de inspiratie van voorgaande dingen.

Thema: thema's
Maandagavond, zo blij als een kind
Kamers
Ik heb voor anderhalve maand een kamer! Het is de kamer van mijn voormalige huisgenoot Tijmen, die dan op reis gaat. Hij woont op de zolder met keuken waar ik altijd wel een beetje jaloers op was. In mijn oude kamer zit nu een nieuw meisje. Ik heb haar net ontmoet en ze lijkt me leuk en heeft in ieder geval die vieze schimmelkamer veel mooier ingericht dan ik. Ik type dit op derde kamer in het huis (volgen we het nog?) van mijn vriendin Hilde, en ik ben zo blij als een kind. Ik vind het zo fijn om hier weer te zijn. De schimmel is weg, mijn troep is weg, en ik mag straks vanaf volgende week in de zolderkamer!

Dinsdagavond, verward
Bergen
Ik ben toegelaten aan de kunstacademie van Bergen! Ze vonden me goed genoeg! En ik had juist besloten niet te gaan in verband met mijn gezondheid. Ik was zo blij toen ik het las dat ik moest huilen. Wat moet ik nu? Ik wil het! Maar het kan niet! Ik heb niet eens alle punten gehaald om überhaupt naar Bergen te mogen. Ik weet niet wat ik moet voelen. Waarschijnlijk moet ik gewoon nuchter zijn en denken: het gaat niet. Maar.

Thema
Tot zover de hysterische nieuwtjes. Het thema van deze week is 'thema's', wat betekent dat ik het overal over kan hebben. (Ik dacht het niet.) Oh, jij weer, zeker. (De u-week is dan wel voorbij, maar dat betekent niet dat je van me af bent - hé, je noemt me niet meer U!) Dat was op aanraden van iemand die vond dat ik teveel respect voor mijn superego had, en terecht.

Internetvrienden
Zoals jullie weten 'heb ik xoelapepel' met drie mensen: Anne-Fleur, Sjors en Ezra. In de xoelapepelweek heb ik gezegd dat we groepstherapie volgen zonder elkaar te zien: de definitie van xoelapepel. Dit klinkt misschien een beetje raar. In de praktijk betekent het gewoon dat we geregeld in diepte op elkaars blog reageren. Maarre, ik heb hier dus een theorie over. Die heet 'the spaces between', naar een cabaretshow van mijn favoriete band van het moment, The Jane Austen Argument. In een interview zeiden ze dat hun liedjes gingen over de ruimtes tussen mensen: emotionele ruimtes, fysieke ruimtes, ruimtes in tijd. Daarop baseerden ze hun show. Ze onderzoeken de ruimtes tussen elkaar en in henzelf, in een poging er zin in te ontdekken. Ik hou daar wel van, als bands 1) hun persoonlijke verhalen vertellen en 2) cabaret gebruiken in hun shows.

Als je sociale interactie met iemand hebt is er sprake van een ruimte tussen jou en de ander. Als je baggage uit het verleden hebt, stel, een eenkantige liefde die de vriendschap heeft gecompliceerd, hangt dit als een waas in die ruimte tussen jullie in. Met andere mensen is de ruimte helder, of afwezig, of volstrekt ondoordringbaar, of er hangt een zwarte wolk, etc etc, gebruik je fantasie, we kennen het allemaal!

Met de drie mensen op mijn blog is deze ruimte leeg. We hebben elkaar nog nooit in het echt gesproken. We hebben nog nooit gechat. Alles wat we doen is reacties plaatsen waar we net zo lang over kunnen doen als we willen, dus het spontane van sociale interactie is niet aanwezig. Het is eerder alsof we samen een boek schrijven dat zich op vier plekken tegelijk bevindt. De reacties van de ander zijn goedgeschreven, weloverwogen, doordacht. Ze helpen ons verder. Alsof we groepstherapie volgen zonder elkaar te ontmoeten. Om dit effect te verkrijgen moeten de ruimtes niet gevuld zijn.

Maar, en nu komt de plotwending: we zijn begonnen elkaar te ontmoeten! De ruimtes beginnen gevuld te raken. En dit is interessant. We ontmoeten elkaar nadat we elkaar hebben leren kennen. Helaas werkt het niet zo dat de ruimtes leeg kunnen blijven. (Gelukkig maar!) Wat er in de ruimtes verschijnt zijn onze eigen (sociale) beperkingen. We zien ons eigen gestuntel ineens helder. Oké, spreek voor jezelf, Roos.

Afsluitend: de reden dat ik Tree Like Fun zo leuk vond was, behalve de muziek natuurlijk, dat cabaretachtige. En de cirkel is weer rond!

Thema: thema's
Donderdagmiddag, gelukkig en doelbewust
Uitbreidend snorrenbos
Woensdag ben ik niet naar de hospiteeravond gegaan, aangezien ik nu een kamer heb. Wel ging ik naar de spirituele therapie waar ik het over had. Het was errug leuk, moet ik zeggen. Ik was amper binnen en ik zat al te huilen. Nou ja, ik stond in ieder geval open voor doorbraken, dus. En het was heel goed voor me. Het heeft me geholpen bij het maken van keuzes en ik voel me energieker nu en heb minder eczeem, het geneest.

Ik heb zojuist een boom geknuffeld en een bloemetje een kusje gegeven. Dat is wat je doet als je spiritueel bent. Vanuit de grond van je hart.

Bergen
Ik heb besloten naar Bergen te gaan en te stoppen met het dieet. Zo. Die zit. Dat wil zeggen: ik moet nu Bergen beklimmen om het ook voor elkaar te krijgen (ja, op die woordgrap zat ik al een tijdje te broeden alstublieft dankuwel) en heeeel veel regelen en mijn beste beentje voorzetten en mij er sterk voor maken. Maar ik kan het. Ik ga het doen. Ik doe het. Dat is dan een affirmatie. Dat heb ik geleerd.

Genezing
Weet je nog, dat ik een heule tijd geleden een week had gemediteerd en dat toen na elke meditatie mijn eczeem genezen was? Ik heb dat later tweeledig geïnterpreteerd als volgt: 1) het parasympathische zenuwstelsel gaat dan aan de gang met de bouwstoffen uit je voedsel om je te genezen en 2) je heft de blokkades in je energiemeridianen op. Het is natuurlijk allebei waar, maar ik was een beetje teveel bezig met nummer 1, dat wil zeggen, de fysieke, wetenschappelijke, reguliere benadering van gezondheid. Met dat medische dieet, dus. Dat doe ik al zeven maanden en het helpt geen flikker, excusez le mot. Ik ging het doen na die meditatieweek omdat ik ervoor wou zorgen dat de bouwstoffen uit mijn voedsel de juiste waren: ik wou leren welk voedsel het beste voor mij is. Dat is een goed streven. Moet je wel de juiste genezer vinden natuurlijk. En ik trof het dat ik niet de juiste genezer vond. Zeven maanden. Ja, ik ben een doorzetter. Ik kan goed tegen mijn gevoel ingaan als ik denk dat een ander het beter weet. Dat heet discipline. Niks aan de hand. Maar nu heb ik dus besloten dat het anders moet. Het is tijd voor nummer 2.

Wiel
Ach, het is een weg. Een proces. Een draaiend wiel. Je weet alles al maar niet tegelijkertijd, want het denken is talig en lineair. Alleen als je mediteert weet je meer, meer dan je ooit mee kunt nemen naar je bewustzijn.

Woensdag, internetvrienden, medisch dieet, Bergen, thema's
Ik moet strepen in alle leuke dingen die ik doe op het moment. Ik ga de toneellessen niet doen, die zou ik gisteren dus ook gehad moeten hebben, maar nee. Ik ben een stresskip en wat doe je eraan, vroeg ik. Nou, dat is: niet een stresskip zijn en een beetje strepen in alle dingen die je doet. Dit was makkelijk weg te strepen. Nu moet ik ménsen weg gaan strepen. Dat klinkt een beetje eng, maar ik bedoel gewoon dat ik een paar afspraken moet afzeggen en vriendschappen op een laag pitje moet zetten. Dat is kut. Ik hoop dat ze het begrijpen. Maar ik kan gewoon niet meer dan ik kan. Ik kon ondanks het wegstrepen van twee van de drie dingen gisteren niet ook nog een wetenswaardige woensdag-blog schrijven. Dat is niet erg. Dan is het maar een keertje domme donderdag. En nu ga ik bergen beklimmen, adieu.

zondag 23 oktober 2011

woensdag 19 oktober 2011

Uitbreidend: een denkbeeldige dialoog tussen het typetype (de denkbeeldige ik) en U (de denkbeeldige lezer)

Ik heb geen zin.
(Kom op, zeg. Zo begin je geen blogs.)
Ik begin mijn blogs zoals ik wil.
(Ik geef het op.)
Wat, nu al? Wat moet ik dan?
(Dat weet je best.)
Maar ik ben moe vandaag.
(Ja, en? Je hebt een commitment gemaakt: elke woensdag godverdomme een blog met wetenswaardigheden erin en dat zul je doen ook.)
Als je nog één keer het woord 'commitment' zegt ga ik kotsen.
(Wat zielig voor je.)
Sinds wanneer ben je zo onaardig? Je hoort me te steunen!
(Ik geef je precies wat je nodig hebt.)
Hoe weet je dat zo goed?
(Omdat ik nooit twijfel, in tegenstelling tot jou)
...
(Nou, wat wou je zeggen? Twijfelde je soms?)
Huh?
(Oh, begin nou niet! Je weet best waar ik het over heb! Voordat je zei dat je moe was...?)
Oja. Nou, goed, mijn idee was dus om de boeken in te duiken. Een beetje research naar de archetypen van Jung. En dan jou te linken aan een archetype en mij ook. Ego, superego, dat soort dingen.
(Dat is Freud.)
Oh. Maar die hadden toch iets met elkaar te maken?
(Ja. Dat weet je wel.)
Oké, oké, ik zeg het al! Jung was oorspronkelijk een leerling van Freud.
(En?)
Toen, eh, kregen ze ruzie en maakte Jung zich los van Freud?
(Vraagteken!)
Op sommige dagen lijkt Google gewoon zo ver weg.
(Dat klinkt heel prozaïsch maar het is gewoon een manier om je luiheid te verhullen.)
Maar ik ben MOE.
(Waar ben je zo moe van dan? Misschien moet je dat eens gaan vertellen?)
Je bent irritant. Zo kan je alles wel ombuigen naar je voordeel! Stom superego.
(Ik wacht.)
Oké.
(Zeg niet zo vaak oké. En áls je het zegt - dit is al enige tijd een frustratie van me - moet je consequent zijn in je spelling. Dus niet de ene keer 'oké' en de volgende keer 'OK'.)
OK.
(Goeie.)
Dank je.

Oké, waar ik moe van ben is mijn excursie naar Rotterdam gisteren. Ik was o.a. in het Booijmans van Beuningen, dat is een museum. De curator had er weer iets moois van gebakken. Volgens mij is die knakkerbakker in z'n vrije tijd liever bezig met z'n galvaniseerset dan met de schone kunsten. Hoezo? (Ja.) Als ik je eerste vraag weggelaten heb hoef je daar niet 'ja' op te zeggen. Dan ben je volstrekt overbodig. Ha. Nu ben je stil, hè? Wie is er nou een superego? (Je haalt de vaart eruit.)

Hier kun je lezen wat ik schreef over een vorige tentoonstelling. Die ging over schoonheid in de wetenschap. Deze nieuwe tentoontselling gaat over hoe kunst kan bijdragen aan een beter milieu en duurzaamheid. Echt, knakker -> galvaniseerset. Het deed me een beetje denken aan de projectweken op de middelbare school, vermoeiende hybrides van de ANW-sectie* én de alfavakken. Dat je eerst onderzoek moest doen naar de wetenschappelijke achtergrond en vervolgens een eindwerkstuk moest bouwen in de vorm van een kunstwerk. Zo'n tentoontstelling was het. Alleen bouwden we op de middelbare school geen complete auto's met brandstoftanks maar krakkemikkige maquettes van gekleurd karton en powerpointpresentaties met teveel informatie erop die je dan ook nog letterlijk voorlas. Maar het had hetzelfde sfeertje. Volstrekt oelewapperig dus. En daar zit je dan twee keer drie uur voor in de trein. Had ik beter mijn tijd kunnen besteden aan het doen van research naar de archetypes van Jung. (Dat wou ik maar even zeggen.)

En wat was nou het meningsverschil tussen Jung en Freud? Als je bent zoals ik zal je dit wel een paar keer hebben gelezen en vervolgens vergeten zijn, zoals met zoveel middelbare school-kennis (bijvoorbeeld of tussen 'school' en 'kennis' wel een verbindingsstreepje moet). Alle projectweekachtige opleukingen ten spijt.

Het meningsverschil had in feite te maken met die archetypes. Dat wil zeggen, het betrof het onderbewuste, en in dat onderbewuste, vond Freud, zetelden alleen onderdrukte seksuele verlangens, in tegenstelling tot in Jung's theorie, die inhield dat de mens door meer gedreven werd. Namelijk... tadadadaam... het 'collectieve onderbewuste', een groep universele archetypes.

Wat je in de projectweken leert is hoe je empirisch onderzoek in een leuke vorm kan gieten. Ik geloof dat ik toch iets heb opgestoken.
(Applaus! En nu mag je weer The Secret Diary of a Call Girl gaan kijken.)
Argh, stil nou! Tjezus, dat klinkt alsof ik porno ga zien. En ik dacht dat jij mijn morele en kritische controleapparaat was!
...
Oh, ik snap het al. Je wilt dat ik het ga hebben over het id, het derde onderdeel van Freuds model, voor de volledigheid. Kort gezegd: het id, dat zijn de lusten, het ego, dat is het georganiseerde deel en het superego, dat is de controle.

Over en id.

*Algemene Natuurwetenschappen.

maandag 17 oktober 2011

U!

Ik ga deze week de dialoog aan met U, de denkbeeldige lezer van mijn blog. U bent slechts een stijlmiddel, maar toch, het lijkt soms wel alsof U ware karaktertrekjes begint te ontwikkelen! Onze relatie kan inmiddels vriendschappelijk, zo niet intiem genoemd worden. U kent elke gedachte in mijn hoofd, U heeft mij in tijden van woordnood bijgestaan, U heeft me geholpen bij onwil onwelvoeglijke bijvoeglijkheden gevoeglijk bij te voegen en ook heeft U me behoed voor het doen van al te persoonlijke ontboezemingen. Hiervoor verdient U een pluim. Als ik U niet had gehad was ik hlpeloos!

U bent mijn klankbord. Normaal bent U onzichtbaar voor andere ogen, zoals het hoort. U werkt achter de schermen. Maar deze week zal U me met behulp van parenthesen (dingen tussen haakjes), tekst en uitleg bijstaan in de normale gang van zaken van mijn zich uitbreidende blog. (Over uitbreiden gesproken, wat gebeurt er dan met het thema? Dat is toch immers 'uitbreidend'?) Zie, daar was U al! Immer vragend om opheldering! Mij altijd aansporend het onderste uit de kan te halen! Maar om de vraag beantwoorden: weest U niet bang. Ook daarvoor zal er ruimte zijn. U zegt het maar! Trouwens, mocht U (de denkbeeldige lezer van deze blog dus) wel eens zat worden van alle parenthesen, dan kunt U daar zonder schade overheen lezen. Meestal, zoals in de vorige zin, zijn ze bedoeld als verduidelijking of leuke terzijde (leuk bedoeld dan) of een beetje zelfrelativering (al dan niet noodzakelijk) of juist een serieus tegenwicht voor een teveel aan zelfspot (ik zeg dit alleen maar om het allemaal te illustreren) of - nouja, U begrijpt mijn punt.

Er wordt echter niet alleen stilistisch gemindfuckt deze week. Natuurlijk zal ik ook schrijven over mijn leven, want dat heeft de gewoonte zich elke dag maar weer uit te breiden, zoals levens plegen te doen, dus dat zit wel...


Ha! Die zag je niet aankomen, hè!

Alvast een voorproefje: het is deze week herfstvakantie. Ik heb een aantal dingen gepland, zoals een dagje museumbezoek met mijn ex-huisgenootje (ik kan ook gewoon vriendin zeggen, dat klinkt wat vriendelijker, maar U kent me, ik maak de dingen graag ingewikkeld - hé, praat ik nu tegen mezelf?), een huiskamerconcert van Anne-Fleur, U inmiddels welbekend (inderdaad!) en natuurlijk de broodnodige bezoekjes aan mijn school, die in de vakantie gewoon open is. Ook heb ik het schrijven weer opgepakt. En dan bedoel ik niet de woordscheetjes die ik laat op deze blog, maar echte, stinkende hopen verhaalpoep (een anale metafoor is nooit weg, maar deze is gewoon niet zo goed, weet je.) (Dank U voor de feedback.) (Nu doe je het weer! De parenthesen zijn deze week van mij!) Neemt U mij niet kwalijk. (Dank je.) Uh, verhalen dus, met personages, een plot, spanning, drama en tragiek en zelfs ruimte voor een traantje van vreugde, hiep hiep hoera! Daar ben ik echt blij om, want aan de 'laatst gewijzigd'-data in mijn verhalenmap kon ik zien dat ik al minstens een jaar niet heb geschreven. Ik heb het gisteren weer opgepakt. Dat was fijn. Wat was ik toen nog jong. Wat maakte ik veel fouten. Wat moet ik nu nog jong zijn. Wat moet ik nu nog veel fouten maken. Dan kan ik ze maar het beste zo snel mogelijk maken! (Kijk, dat is een gezonde levenshouding!) Dank U.

Met dit motto in mijn achterhoofd brand ik van ongeduld om te beginnen met het uitwerken van een aantal nieuwe ideeën. (Wat? Zeg je nu dat je graag fouten wil maken?) Ik zie het meer als uitdagingen. (Oh, wat wijs van je.) Dank U. Zoals dat voor nog een filmschilderij. Dit is iets waar ik vorig jaar mee begonnen ben. Het houdt in dat ik een filmpje projecteer op een geschilderd beeld waar het precies overheen valt. Het verschil is natuurlijk dat het schilderij stilstaat en de projectie beweegt. Maar de twee vallen ook samen. (Een voorbeeld, al kunt je het nauwelijks zien vanwege de slechte kwaliteit). Daartoe moet ik eerst nog een gedicht afmaken. Dat declameer ik dan. Je ziet een projectie van mijn gezicht op mijn geschilderde gezicht. Beide gezichten spreken niet. Daarnaast beginnen er nog veel meer ideeën voor nieuwe beeldende werken op te borrelen. Of zelfs oude, waarvan later een voorbeeld.

Maar al die ideeën zijn leuk en aardig: eigenlijk moet ik deze week bezig met mijn achterstallige huiswerk, wat ik natuurlijk ook ga doen, weest U niet bang (ja, dat zeg je alleen omdat je weet dat er docenten meelezen.) (Goede motivatie, toch?) (Hé, wat hadden we afgesproken over de parenthesen?) (Sorry, ik vind het soms moeilijk om de controle uit handen te geven.) (Nog een keer?) (Ik zei: 'sorry, ik vind-) (Uh-uh.) Oja. Sorry, ik vind het soms moeilijk de controle uit handen te geven. (Heel goed.)

Als je dat plaatje leuk vindt, overigens, zou ik eens googlen op 'moustache championships'.


Ik hou van humor.

Oké, oké, ik weet het, nu moet ik deze blog afsluiten met een afbeelding van mij met een snor. Helpt het als ik zeg dat ik - (Aan het werk.) Oké, OKÉ.

Een halve dag later...


Heb ik daar mijn best voor gedaan of heb ik daar mijn best voor gedaan? Ik heb zelfs mijn stippenjurkje aangetrokken en oogsnorren opgedaan (daarmee bedoel ik dus mascara, niet die onfortuinlijke extra snor die over mijn wenkbrauwen hangt). En vergeet vooral de glitterlippenstift niet.

Dat met die snorren was een idee dat ik al jaren heb. Ik heb het nooit uitgevoerd omdat ik het te oppervlakkig vond. Maar binnen de context van deze blog zit het wel snor. (Die kan je echt niet nog een keer gebruiken.) Ik vind dat juist grappig. (Denk je dat andere mensen dat ook grappig vinden?) Nu wel. (We zijn een team!) 

Schijn bedriegt, trouwens, ik had veel meer lol met deze foto's dan mijn gezichtsuitdrukking hier suggereert. Wat, zei ik foto's?! Dat was geen fout, anders had U wel ingegrepen! (Geloof me: soms zie ik ze aankomen, die fouten, pardon, uitdagingen.) Goed zo, U leert. (Van uitdagingen leer je, toch?) Don't push your luck. Ik zei foto's omdat ik er een heleboel heb gemaakt. Binnenkort kunt U hier een stopmotionfilmpje vinden. En u ook. Want U moet niet de plaats innemen van u, de echte lezer van mijn blog. Maar als ik het over u heb zal ik u gewoon bij naam noemen, want u bent immers niet denkbeeldig. Tijd voor echte interactie!

(Dat is een afschuwelijke zin, daar kun je niet mee afsluiten, daarmee jaag je alle reageerders weg.)
Niet zo onzeker!
(Hé, ik hoor jou onzeker te noemen!)
Waarom? Wilt U soms graag de touwtjes in handen hebben? Wat zei U ook alweer over controle?
(Hmpfkdlsnpf.)
Nog een keer?
(Oké, misschien moeten we later deze week nog eens praten.)
Dat lijkt me een goed idee. Wat vind U van wetenswaardige woensdag?
(Maar dan hoor je feitenkennis te verzamelen over het thema!)
Ja, maar ik had het thema lichtelijk aangepast, weet U nog? Het gaat nu over U.
(Nou, in dat geval sta ik het toe. Ik neem aan dat een gesprek met mij een goede manier is om feitenkennis te verzamelen.)
Doe nou niet alsof U niet ijdel bent! U bent alleen maar bezig met hoe we overkomen anderen!
(Daar heb je gelijk in. Maar dat is mijn taak. Zonder mij zou je een autist zijn.)
Zonder U had ik geen last van remmingen.
(Met alcohol heb je geen last van remmingen)
Au. Dat prikt.
(Alcohol prikt.)
Weet U wel dat ik al vijf maanden geen druppel heb aangeraakt?
(Natuurlijk. Ik weet alles van je medische dieet.)
Ja weet ik, maar zo had ik er gewoon nog niet over nagedacht.
(Dit gaat te lang door.)
Ik ben blij dat U het zegt.
(Daar ben ik voor.)

En mijn eczeem valt niet eens zo op.
(Dat is zelfmedelijden.)
Oh, dank U! Tjezus, ik wou alleen maar inzicht geven in de onzekerheden die ik heb over mijn uiterlijk.
(Dat doe je maar een andere keer. Deze blog wordt veel te lang. Je hebt weliswaar een label voor blogs zonder duidelijk aanwijsbaar moraal, maar dat maakt niet alles goed.)
Maar ik heb een label over onzekerheid.
(Je kunt ook gewoon nieuwe labels maken, weet je.)

Ik wist niet dat ik zó goed tegen mezelf kon praten. Dit belooft nog wat voor wetenswaardige woensdag!

vrijdag 14 oktober 2011

Voornamelijk over geen speld tussen te krijgen

'Mama, als je jezelf in één woord moest omschrijven, welk woord zou dat dan zijn, binnen v-'
'Ongeduldig.'

Voornamelijk over bergen, maar niet over dalen, dus dat is al wat

Ik zat te denken hè, als de komst van de pianostemmer het meest spraakmakende is wat er op een dag gebeurt, ben je een beetje fout bezig. Ik bedoel, dat is leuk voor iemand van tachtig. Dat geeft wat praat. Het breekt de dag even. Dan kun je het over de kleinkinderen hebben, wier foto's op de smetteloos gepoetste piano staan te blinken, speciaal daar neergezet voor de pianostemmer, naar wiens komst al een paar weken wordt uitgezien, en voor hij überhaupt de kans heeft ze op te merken al handenwringend te kirren 'kijk, dat zijn de kleinkinderen, dat is Josje, Tom, Sophie, die is inmiddels 5 jaar, leuk kind. Eigenlijk hoor je als oma geen favoriet te hebben maar stiekem is zij wel mijn oogappeltje, hoor.' En dat soort dingen. Erg leuk. Maar ik ben dus nog geen tachtig. Ik ben eenentwintig. Ik hoor de tijd van mijn leven te hebben. Te beesten in de kroeg en dat soort dingen.

Ha, beesten in de kroeg. Dat doe ik niet, vanwege mijn gezondheid. Wat ik ook niet doe is op uitwisseling gaan naar Bergen, Noorwegen.* Dat is verstándiger, weet je. Ik ben hier dingen aan het opbouwen en zou me daarop moeten focussen ALS IK WEET WAT GOED VOOR ME IS. Zo ben ik dinsdag naar een introductieworkshop gegaan van de toneellessen die ik wil nemen, heb ik nog steeds geen bezoek gebracht aan Stitch 'n Bitch (het breiclubje van het meisje dat ik in de trein ontmoette), ben ik op zoek naar een kamer in Groningen en natuurlijk heb ik deze blog, in het Nederlands, weet je. Het zijn allemaal in meer of mindere mate startpunten. Als ik in januari wegga wordt alles wat ik nog maar net heb opgebouwd weer afgebroken, en wat heeft dat voor zin? Ik zag er eerlijk gezegd ook als een berg tegenop.

Maar het doet me pijn. Het was wel een beetje een droom van me. Een vriendin van mij studeert nu in Stockholm en naast het feit dat we elkaar vaker spreken dan toen ze nog hier woonde, kreeg ik door haar verhalen en foto's enorm veel zin om ook in Scandinavië te gaan wonen. Ach, er zijn later vast wel andere manieren waarop ik zo'n ervaring kan opdoen.

Nu ik dat heb besloten worstel ik weer met mijn genezingsproces. Ik probeer uit alle macht mijn best te doen, maar het is nooit perfect. Het gaat niet weg. Ik moet geduld oefenen en doorzetten en tóch alles doen wat ik zou doen als ik gezond was geweest. Dat is niet makkelijk. Ach, gezeur. Er zijn ergere dingen. Dat placht mijn oma altijd te zeggen. Zij had eczeem en astma en longemfyseem, waarvan dat laatste duidelijk het ergste. Man, die mentaliteit, daar wil ik ook naartoe!

Maar goed, wat heeft de pianostemmer hiermee te maken? Dat zit zo: als ik dus thuiszit, lekker te bruisen in het bruisende Sneek, met mijn moeder die sokken voor me koopt en mijn broertje die ervan verdacht wordt een heus liefdesleven te ontwikkelen maar desondanks graag 's avonds nog even bij mij in bed kruipt (hij leest dit toch niet) en dat soort huiselijke taferelen, incluis de pianostemmer, dan zie ik hier door mijn kwakkelende gezondheid een beetje meer van dan me lief is. Terwijl ik het liefst op school ben, bij al mijn vriendjes en vriendinnetjes, want eerlijk gezegd heb ik het gevoel dat ik ook dáárvan op dieet ben. Ik ga dus liever op zoek naar een kamer, en dan zonder dat ik daar in januari alweer uit moet. Als ik in Groningen woon hoef ik niet zo vroeg op te staan voor de trein, en als er 's avonds iets leuks is kan ik blijven slapen zonder bij iemand te hoeven slapen, wat een hoop rust zal geven.

Gisteren had ik voor het eerst sinds tijden zin om te zingen en gitaar te spelen. Dat heb ik over het algemeen alleen als er iets heel belangrijks gebeurt, zoals de scheiding van mijn ouders en dat soort bescheiden mijlpalen. Nou ja, het besluit niet naar Bergen te gaan voelde natuurlijk wel als iets belangrijks. Overigens is mijn zelfgemaakte 'muziek' heilig, met andere woorden, zo slecht dat het niet geschikt is voor andermans oren. Ik vind het gewoon leuk om elk liedje in A-mineur te schrijven. Dat is mijn favoriete akkoord. Ik had wel vijf liedjes, allemaal in A-mineur, met af en toe een gewaagd uitstapje naar D-mineur, en dan was A-mineur ook niet ver weg, maar helaas zijn vier daarvan in de wormgaten van de tijd verloren geraakt. En ze rijmden zo mooi! Dus nu kan ik nog maar één liedje, en een cover van Vashti Bunyan waar mijn stem gewoon echt niet geschikt voor is. Ik heb bewondering voor muzikanten. Ligt het aan mij, of moeten die welhaast een zenachtige, transcedente, zelfontstijgende capaciteit tot concentratie hebben om tegelijk te zingen en te spelen? Of misschien ben ik gewoon niet getalenteerd genoeg, dat kan ook. Het is net alsof ik pas toegang tot muziek heb als ik er echt heel veel emoties naar buiten willen.

Over creativiteit gesproken (dit woord viel tijdens de les, toen gniffelden er mensen, dat was vreemd), ik heb dus die toneelworkshop gedaan, en dat was geweldig. Mijn docent Willy Brandt, een markant mannetje met een Duits accent die het had over de energie van het spel van de ander die je actief moet opvangen en terug moet spelen, alsof je een bal overgooit, hij heeft me nu al veel geleerd. Zoals dat van die energie dus. Er waren, naast Anna en mij, maar twee anderen, en één van die twee had net als ik nog les gehad in het Centrum voor de Kunsten in Sneek, of all places. Willy had het over 'onderstromen' toen dit aan het licht kwam. Fantastisch. Altijd al zo'n docent willen hebben. Energie, onderstromen: hij weet waar hij het over heeft!

Ik heb een nieuw schimmelkuurtje van mijn dokter gekregen. Op de gebruiksaanwijzing stond '2x pompen en dan in je mond spuiten'. Dit vond ik wel lollig natuurlijk, dus ik meteen proberen. Twee keer pompen, de derde keer spoot er wat uit, récht in mijn geopende mond, en toen nog maar een keer want mijn moeder vond dat het betekende dat ik dus twee keer in mijn mond moest spuiten, en ik was het eigenlijk niet met haar eens, want dat krijg je als je eenentwintig bent en bij je ouders woont, maar ik deed het toch maar, want wat een heerlijkheid, echt, dat spul smaakte zó lekker! Als een soort hoestdrank. Nu heb ik natuurlijk ook al maanden geen suiker gehad dus als iets ook maar een beetje zoet is, is het net alsof er een bom ontploft in mijn mond. Op de gebruiksaanwijzing stond 'op=op'. Natuurlijk zie je mij dan meteen al als een gek pompen en spuiten, maar helaas, er stond ook dat ik het maar driemaal daags mag gebruiken, dus dat feest gaat niet door. Maar ik weet één ding zeker: ik ga nog veel lol beleven aan dat schimmelkuurtje.

En ik kan er vast wel nog een alinea aan vastbreien, maar ik moet eerst maar eens naar Stitch 'n Bitch om te léren breien! (Oké, hier heb ik een label voor).

*Ik zet het er voor de zekerheid maar even bij, uit angst dat U denkt dat ik het heb over Bergen-op-Zoom - echt gebeurd.

woensdag 12 oktober 2011

Wetenswaardige woensdag

Het is tijd voorrrr...

Die mag ik toch wel hergebruiken? Aaah, voor één keertje?

Voornamelijk is een woord dat je in het woordenboek kan opzoeken (dit kan je eigenlijk met elk woord) (dan kan je het gewoon intikken op Google en dan vliegen de online woordenboeken je om de oren!) (al is bij voornamelijk de eerste hit op Google een website over voornamen - ik kan een goede woordgrap wel waarderen) (een slechte ook, overigens) (voornamelijk als ze te maken hebben met poep en pies) (voornamelijk met poep) (een topdrie: 3. Uranus, 2. Zit u ook omhoog? Anaalzalf! en nummer 1. Kaktalogus) (die laatste was in een artikel in de Quest over ontlasting) (wist je dat er zeven types ontlasting worden onderscheiden?) (onderschijten?) (wat? het is vandaag wetenswaardige woensdag! het is de bedoeling dat ik U wetenswaardigheden vertel!)* (sorry?) (oja) (maar ik heb het woord 'voornamelijk' gebruikt?)** (maar het zijn mijn regels! ik mag bepalen wat ik schrijf!) (ja, dat betekent ook dat ik mag besluiten een blog voornamelijk in parenthesen te schrijven)*** (dat zijn haakjes en ook wat tussen haakjes staat) (zie? alweer een wetenswaardigheid! én nog een keer het woord 'voornamelijk'!)**** (ja, maar dan is het niet leuk meer)***** (ja, je hebt gelijk)

*Oké, die laatste conversatie met de denkbeeldige bloglezer in mijn hoofd, U dus (met hoofdletter) moet ik even toelichten. U zei dat mijn wetenswaardigheden wel over het thema moeten gaan, en toen zei ik dat ik het themawoord had gebruikt,
**en toen zei U dat dat niet volgens de regels was, en toen zei ik dat het mijn regels zijn, en toen, om U maar even voor te zijn, voegde ik daar snel aan toe dat dat dus ook betekent dat ik mag besluiten een blog voornamelijk in parenthesen te schrijven, en toen vroeg U
***'Wat zijn parenthesen?'
****en toen legde ik dat uit en toen zei U 'maar dan gaat het hele idee van parenthesen verloren, dan kan je net zo goed een blog in normale zinnen schrijven, met hoofdletters en punten enzo', en toen zei ik 'ja, maar dan is het niet leuk meer'
*****en toen zei U 'je moet dit wel even uitleggen want ik weet weliswaar wat er tussen de regels staat maar wellicht is niet elke lezer zo denkbeeldig' en toen gaf ik U gelijk, en toen schreef ik deze asteriskensequentie om te weerleggen dat ik de hele blog net zo goed in normale zinnen had kunnen stellen (overigens schreef ik deze blog voornamelijk om mijn vader te ergeren, die mij te verstaan gaf dat ik 'niet zoveel terzijdes moet gebruiken' - dit terzijde).

maandag 10 oktober 2011

Voornamelijk over de pianostemmer

Ik was vanmorgen vroeg uit de veren met het plan er een productieve dag van te maken en een goed mens te zijn. Ik at vier crackers met bietjes, goot er een kop thee in en trok mijn nieuwe kleren aan.
Het eerste wat ik deed was huiswerk. Dat kwam erop neer dat ik vijf portretten uit de kunstgeschiedenis uitzocht en een zelfportret tekende voor de spiegel, voorwerk voor een schilderopdracht. Saai, vervelend huiswerk.

Ik concentreerde me de knetter en slaagde er redelijk in, al zette ik uit pure rancune mijn linkerwal een beetje teveel aan, maakte ik de vergissing de enge starende ogen en samengeknepen lippen van mijn felle concentratie vast te leggen in plaats van mijn gezichtsuitdrukking aan te passen, wat ik een beetje stupide vond omdat ik mijn hoofd daarentegen wél duidelijk in een pose had gebogen. Maar ik deed mijn best.

Nadat ik hiermee klaar was, besloot ik mijn tanden te poetsen. Op dat moment ging de bel. En dit is het moment waarop dit verhaal spannend wordt. Oké, niet. Maar de deurbel ging en ik stond met mijn tandenborstel in mijn mond op de trap. Nu ben ik niet zo'n welopgevoed, waardig mens dat ik die tandenborstel dan uit mijn mond trek, alle tandpasta inslik, mijn mond afveeg en mij naar beneden spoed om de aanbeller te woord te staan. Nee, wat doe ik? Ik trek gewoon die deur open met mijn tandenborstel in mijn mond. Ja, doei, ik ben lekker aan het tandenpoetsen, gatverdamme man, dat ga ik niet allemaal inslikken! Helaas was de aanbeller wel een welopgevoed, waardig mens, dus die wou uit beleefdheid al bijna weglopen om een andere keer terug te komen. Dus ik moest ook nog het woord doen. 'Sowwy, *glup* dwe pwianoswtemmer, twoch? *glup* Kwom bwinnen.'

Toen moest ik tot mijn niet geringe irritatie mijn tandpastasessie voortijdig afbreken om toch de indruk te wekken een welopgevoed mens te zijn, dus ik spoedde mij naar de keuken, zette de kraan wijd open en spuugde de boel uit. 'Dat is beter,' zei de pianostemmer wellevend en zette zijn keurige leren aktetas netjes tegen een stoelpoot. Toen viel zijn oog op de volgestouwde tafel. Opengeslagen kunstboeken, overal papieren, een spiegel tegen een andere stapel kunstboeken, en natuurlijk mijn tekening.
'Ben je aan het studeren?' vroeg hij geïnteresseerd.
'Ja, ik studeer aan de kunstacademie,' zei ik welbespraakt.
'Knap hoor,' zei de pianostemmer, onder de indruk. Nou, dat vond ik een beetje overdreven, maar we waren allemaal welopgevoede mensen, dus ik bedankte hem bescheiden voor het compliment.

Ik hielp de pianostemmer de piano te ontruimen en gaf hem een stofdoek. Daarna vroeg ik of hij een kopje koffie wilde, omdat ik zo'n welopgevoed mens ben. Dat wou de beste man wel, gráág zelfs. Met het kopje koffie in mijn handen liep ik even later naar de tafel, en kondigde aan het daar neer te zetten, terwijl de grijzende man alvast een paar toetsen aansloeg. Hij onderbrak zijn bezigheden om mij vriendelijk te bedanken.

Toen kwam ik op het lumineuze idee er een cakeje naast te zetten en weg te gaan voor een wandeling. Ik bedacht me dat de pianostemmer het cakeje waarschijnlijk dankbaar af zou slaan als ik het hem zou vragen, maar hij was al bezig met stemmen, dus ik zette het er voor de zekerheid toch maar neer. Want ik hou van cakejes. En ik mag geen cakejes eten. Dus ik vind het fijn om andere mensen cakejes te geven. Dan heb ik namelijk toch nog indirect genoegen van het eten van een cakeje. Uit de voorgaande gebeurtenissen had ik gededuceerd dat het cakeje weg zou zijn als ik terugkwam. Dit bleek inderdaad het geval te zijn. De pianostemmer was immers een welopgevoed mens. Dit was hij aan mij verplicht, na al onze gezamenlijke beleefdheden. Het cakeje niet opeten zou een belediging zijn voor mijn gastvrijheid. Ik stel me zo voor dat de pianostemmer zich omdraaide om een slok koffie te nemen, het cakeje zag, even baalde en razendsnel afwoog of hij het wel of niet moest opeten, een slok nam, weer een paar toetsen aansloeg, zich opnieuw omdraaide, inwendig eens diep zuchtte en toen het cakeje hap voor hap wegwerkte, onderwijl licht kokhalzend, met een flinke slok koffie na.

Als ik werkelijk welopgevoed was geweest had ik het cakeje er nooit neergezet.

Wat is nu de moraal van dit verhaal?


Juist. Érgens in het maakproces van dat plaatje ging het fout. Tijd om die linkerwal naar bed te brengen.

zondag 9 oktober 2011

Wegens III

Ik heb besloten acteerlessen te nemen. Dinsdag ga ik met een vriendin naar een introductieworkshop. Ik ben benieuwd. Vroeger zat ik ook op toneelles. Dat heb ik jaren gedaan, ook al was het eigenlijk niks voor mij en bakte ik er niet veel van. Ik kreeg altijd kleine rolletjes. In Minoes was dat Fluf de kat (wie?) (precies) (waarbij vermeld dient te worden dat de andere katten heel strakke, zwarte kattenpakjes aanhadden, en Fluf een grijze hobbezak) (overigens moest ik ook een keer een vrolijke heks spelen, en daarna een vrolijke herbergiersvrouw - waar de toneeljuf het idee vandaan haalde dat ik geschikt was voor het spelen van gulle dikkertjes weet ik niet, want ik was gul noch dik) De zoon van de toneeljuf zat bij mij in de groep. Hij kreeg altijd de hoofdrol en mocht dan romantische scenes met de knapste meisjes spelen. Typisch.

Ik herinner me dat we in de kring moesten staan en Italiaanse woorden moesten schreeuwen, zoals pizza en macaroni. Ik herinner me dat ik het altijd het leukste vond om in de coulissen te staan kijken naar de andere spelers terwijl het publiek me niet kon zien. En ik herinner me die keer dat ik met de toneeljuf mee naar zolder mocht waar alle rekwisieten en kostuums werden opgeslagen. Dat was magisch. De rest heb ik uit mijn geheugen gefilterd, maar goed ook, want natuurlijk was mijn verlegenheid verlammend en slaagde ik er in van die hele toneelles een persoonlijke hel te maken - je kent me wel. Maar afijn, ik ga het niet doen omdat ik er goed in ben.

Op welke manier past deze blog in de w-week? Dat is natuurlijk wegens de laatste zin.

zaterdag 8 oktober 2011

Wegens II

Een blog met een oorzakelijk verband in elke zin wegens het woord wegens, zou het me gaan lukken?
Wegens mijn buikgriepje heb ik niet zoveel geblogd deze week, waarvoor mijn excuses. Dit kwam echter ook wegens het feit dat ik een beetje aan het worstelen was met thema's als egoïsme, altruïsme, zelfspot en ziekte, en dat werd een beetje duister en lelijk, dus ik besloot dit niet met jullie te delen, wat een goed en een slecht besluit is. Goed wegens mijn private zielsrust en dergelijke, slecht wegens het gebrek aan transparantie.

Wegens een boek dat ik las (De laatste zomer van de Krijgers des Doods van Francisco X. Stork) ben ik een stuk verder gekomen met deze thema's. Wegens een van de personages, D.Q., heb ik bijna het hele boek door gesnotterd. De plot was dat een jongen met kanker leerde vechten voor zijn leven, wegens een manifest dat hij had geschreven over liefde voor en acceptatie van het leven en dus ook van de dood (het manifest van de Krijgers des Doods), wegens de stoerheid van zijn beste vriend Pancho die al zijn familieleden was verloren (vanuit wiens perspectief het verhaal werd verteld) en die hem beschermde tegen zijn moeder die hem een chemobehandeling liet doen die hij intuïtief helemaal niet wou, en uiteindelijk wegens de genezing van zijn geest. Er was ook een meisje in het spel waar D.Q. al zijn hoop op gevestigd had, en toen zij en Pancho verliefd op elkaar werden verslechterde D.Q.'s gezondheid enorm, wat natuurlijk ook al gebeurde door die chemo, tot hij wegens een sjamaan inzichten kreeg die het manifest dat hij had geschreven (eigenlijk voor dat meisje, zodat ze zou zien hoe briljant en dapper hij wel niet was) ineens zin gaven waardoor hij echt een Krijger des Doods werd die zelfs liefde kon opbrengen voor zijn twee verliefde vrienden. Pancho kon hem na twee weken chemo uit de klauwen van zijn moeder halen wegens zijn stoerheid. Daar eindigde het boek, in een bepaald opzicht een open einde, omdat je er niet achter kwam of hij na alle verwarring nou bleef leven of niet, maar dit was niet erg wegens het feit dat het verhaal dat verteld moest worden verteld was. Wegens de titel denk ik niet dat hij bleef leven. Wegens het einde geloof ik wel dat hij bleef leven. Wegens zijn verworven mentaliteit maakt het eigenlijk niet meer uit.

Tjezus, wat een werk om je (wegens de lange, ingewikkelde zinnen) door die bovenstaande alinea heen te worstelen, of niet? Heel knap dat je dat hebt gedaan (gesteld dat je niet wegens luiheid naar het begin van deze alinea bent geskipt).

Maar wegens wat hielp me dit nou vooruit met die thema's? Dat was wegens het feit dat ik veel herkende. Ik raad het boek aan iedereen aan die 'iets heeft' met ziekte en verhalen over de weg naar genezing, maar ook aan iedereen die wil weten wat voor emoties er bij driehoeksverhoudingen komen kijken en hoe je je wegens wilskracht door zulke dingen heen kunt slaan.

Wat me eerst nogal frustreerde was die leap of faith van D.Q. aan het einde, wegens het feit dat ik niet begreep wat er nou in zijn hoofd omging en ik zijn wijsheid ook wilde (zoals ik al zei werd het verhaal verteld vanuit het perspectief van zijn vriend). Maar ik begrijp het nu, juist wegens het feit dat het niet werd uitgelegd.

Nu heb ik het thema 'ziekte' behandeld, wegens dit boek, maar hoe passen egoïsme, altruïsme en zelfspot hierin? Voor mij zijn ze allemaal gelinkt, wegens mijn associaties en logica, maar dit kan voor jou niet het geval zijn.

Laat ik het thema zelfspot wegens een ander voorbeeld bespreken. In het Volkskrant Magazine, een blad dat ik graag lees vanwege voornamelijk (ooh, alarm, wat gebeurt er nu?! 'vanwege'? 'voornamelijk?' dat zijn niet de woorden van de week!) de column van Sylvia Witteman, wegens (oef) haar ongeëvenaarde talent voor hilarische hyperbolen, stonden twee interviews waarin humor en zelfspot werden genoemd. Humor is een manier om om te gaan met vervelende dingen, maar dat kan ook doorslaan in ongezonde zelfspot, wegens het jezelf tot in het oneindige belachelijk maken. In de blog die ik niet heb gepost over deze vier thema's wegens het feit dat ik hem te privé vond stond hier een goed voorbeeld van. Dat kan ik hier nu niet geven wegens geen wegens in elke zin (dit is een verkorte manier om wegens te gebruiken, de Belgen doen dit - handig, want dan hoef je niet elke keer het feit te zeggen: het is net wegenswaardige, pardon, wetenswaardige woensdag!).

En wat betreft egoïsme en altruïsme, denk daar maar eens over na, wegens mij en mijn blog.

Dan nog een bonusvraag: hoeveel keer heb ik wegens gezegd? Voor de eerste die het zegt schrijf ik een gedicht wegens het feit dat hij gewonnen heeft.

En nu ben ik weg...ens!

woensdag 5 oktober 2011

Wetenswaardige woensdag

'Wegens ziekte moest ik vandaag het bed houden.'
(Een voorbeeldje uit de werkelijkheid. Buikgriep. Vannacht twee keer gekotst. Vogelpoep.) (Niet dat ik vogelpoep gekotst heb, dat zou wel heel smerig worden. Het was zo al smerig genoeg, alsjeblieft dankjewel.)

In deze zin kun je wegens vervangen door door, om reden van, ter oorzake van en ja, ook door vanwege, maar dat is minder voor de hand liggend. Er is een verschil tussen wegens en vanwege. Ze kunnen vaak allebei gebruikt worden, maar bijvoorbeeld in de zin 'ik prees mezelf wegens mijn moed tijdens het kotsen' kun je wegens niet vervangen door vanwege. Wegens betekent hier namelijk om.

Andersom geldt er ook wel het één en ander, maar boeie. Als je het niet erg vindt ga ik nu lekker slapen, want vanwege/wegens mijn buikgriep ben ik zo slap als een vogeltje.

dinsdag 4 oktober 2011

Wegens

Wegens wat? En belangrijker nog: wat is het taalkundige verschil tussen 'wegens' en 'vanwege'? Had ik ervan moeten maken: 'uitbreidend vanwege werkelijk xoelapepel yin/yang zijn'?* In dat geval was het nu de 'werkelijk'-week geweest, wat werkelijk een stuk makkelijker was geweest, want de werkelijkheid is een thema dat mij werkelijk (oké, nu is het wel duidelijk) interesseert. Om niet te zeggen: dat mij vervult met een diepe passie en een goed onderdrukte angst.

Vanwege (wegens?) het herhaaldelijk (oké, twee keer) noemen van The Matrix in mijn omgeving voel ik mij aangespoord deze film opnieuw te gaan kijken, want, zoals ik al zei, de werkelijkheid is een thema dat mij vervult met een diep ontzag en een nauw verholen opwinding. Voor degenen die The Matrix niet kennen: het idee is dat de werkelijkheid (daar is ie weer) een technologisch opgetrokken scherm van misleiding is, een projectie in onze geest, en dat ons lichaam in feite kaal en ingeplugd in een lekker badje als batterijen in een ruimteschip of iets dergelijks ligt te dromen. Nu geloof ik niet dat wij in werkelijkheid kaal zijn en al die dingen, maar over dat dromen heb ik wel het een en ander te zeggen. Namelijk: wij fictionaliseren ons leven, we verdromen de werkelijkheid, we maken mental maps van de wereld.

Vanwege (wegens?) (oké, ik weet best dat het 'vanwege' moet zijn) het feit dat een docent dit tegen me zei besefte ik echter dat de keuze dit tot kunst te maken een individuele is.

Wegens de verhalen die ik inmiddels heb verzameld is me duidelijk geworden dat ik hier niet per se beeld bij nodig heb. Laat ik een voorbeeld geven.

Ik vertelde in de les het verhaal van een gedicht dat ik hier een tijdje geleden gepost heb:

in mijn hart een glazen knikker
geknapt, de splinters doorgedrongen
in het weerloze vlees,
een rode hand omklemt het hart van het woud
doorkliefd, maar rustend
onder bladeren als longen
en de rode koepel draait en draait
om te verbranden
het geraas in de stilte
in mijn hand een glazen knikker
weerloos


Ik legde uit dat ik a) verwoorde emoties en b) dingen die ik zag, achter elkaar geplakt had zodat er een samenhangend geheel ontstond dat dan weer bepaalde emoties en beelden oproept (wat in feite gewoon een definitie is van een gedicht). Zoals de rode hand die het hart van het woud omklemt: dat was mijn hand in de weerschijn van de rode paraplu waar ik onder zat op het bankje in het park, kijkend naar een hartvormige uitsparing onder de longachtige bladeren van een boom. Naast het park is een autoweg. Het geraas van de auto's (een auditieve prikkel) leek door de handeling van het draaien van de paraplu boven mijn hoofd (een visuele prikkel) vermengd te worden met of verloren te gaan in de stilte. Een goed woord daarvoor kon ik maar niet vinden, tot ik stuitte op 'verbranden', wat het geheel wel een fijn dramatisch cachet gaf dat paste bij de emoties en beelden die het gedicht oproept, en ook aan leek te sluiten bij de symboliek.

De volgende keer dat ik wandelde in dat park ging ik natuurlijk weer naar dat bankje, dat in mijn hoofd inmiddels 'mijn bankje' was geworden. De menselijke geest maakt tenslotte graag patronen. En op het grasveld tussen het bankje en de hartvormige uitsparing stonden nu kaarsen. Ik bedoel, de menselijke geest maakt graag patronen, maar in dit soort gevallen ben ik er toch ook van overtuigd dat iets anders het ook leuk vindt om patronen te maken, zoals het weefsel van de wereld zelf.

Goed, in de les bazelde ik vervolgens nog wat door over dat ik hier iets 'mee wilde doen', de voor- en nadelen van het maken van een foto van deze kaarsen (ze waren nogal lelijk), en mijn idee om ook foto's te maken van de knikker in mijn handpalm zodat je kon zien dat hij 'weerloos' de kleuren aannam van zijn omgeving, en dat het daar misschien een beetje rebus-achtig van werd.

Maar juist vanwege dit verhaal (waarom is het nu ineens 'vanwege'?) (ik doe dit op gevoel, hoe graag ik het ook wil Googlen, dat mag woensdag pas) (overigens had ik vannacht een apocalyptische, Matrix-achtige droom over Google waarin** - oké, to the point) denk ik dat het me in feite niet zozeer gaat om gedichten of beelden, maar om het proces van het maken ervan, de mechanieken die een rol spelen in de ontstaangeschiedenis. Het verhaal van het gedicht is voor mij meer waard, en volgens mij ook beter, dan het gedicht zelf.

Maar stel dat dit in feite niet zo is? Dat deze neiging tot het schrijven van Droste-effectblogs (blogs waarin ik schrijf over de blog) slechts van tijdelijke aard is tot ik klaar ben om straks weer 'echte kunst' te maken? Dit vervult mij met diepe angst en ontzaggelijke levenslust - wat is echt? Wat is werkelijkheid?

*Op wetenswaardige woensdag zal ik dit voor je uitzoeken.
**Hierin was de operator van het enorme ruimteschip, een breinachtige, dienstbare levensvorm die wel wat weghad van een Dalek, in feite*** slechts een omhulsel voor een chip van Google: Google in de verre toekomst. Dit bleek toen de tegenpartij (in science-fiction heb je die immers, zo ook in mijn droom) Google corrumpeerde terwijl ik boodschappen aan het doen was, en Google controleerde eigenlijk alles, van Wasacrackers tot in feite elk hoekje van het universum. Daarna was er nog iets met achtervolgingen in een rotstuin, maar dat sloeg eigenlijk nergens op, want Google wist immers alles, dus kon zo mijn coördinaten in de rotstuin doorgeven aan de tegenpartij.
***Voor degenen die geïnteresseerd zijn in reflecteren in de actie: nu heb ik stiekem toch het thema 'werkelijk' genomen, vermomd door een causaliteit-formule gerepresenteerd door de woorden 'vanwege' en 'wegens'. Daarnaast is het je misschien opgevallen dat ik vaak 'in feite' zeg. Dit valt weer te herleiden tot het feit (ha) dat ik gisteren een liedje van OneTrickPony (Anne-Fleur uit mijn vorige blog) luisterde over Wikipedia, waarbij vooral de een-na-laatste zin (all you could give me were cold hard facts) relevant is. Maar ook relevant aan deze blog, is het feit dat ik graag Wikipedia gebruik en natuurlijk die hele droom over Google die ik vast ook niet had gehad als ik gisteren dat liedje niet had geluisterd. Ik bedoel, Wikipedia, Google, Google, Wikipedia? Internet? Websites? En dat dan samen met de urgentie weer The Matrix te gaan kijken? Dank je. Werkelijkheid gefictionaliseerd!