zondag 12 september 2010

Geënsceneerde droom

Het landschap was tegelijkertijd een gezicht. Mijn waarneming was niet consistent: er was een constant verschuiven tussen het aankijken van dat gezicht en het lopen op of zweven boven het landschap. Omdat het instandhouden van die gelijktijdigheid erg lastig was, was noch het gezicht, noch het landschap erg uitgesproken. Daarenboven wisselde het gezicht ook nog eens van mannelijk naar vrouwelijk. Mijn geest experimenteerde met dit gegeven: ik wandelde met de man-vrouw in het landschap en ik wandelde in het landschap met in de lucht een enorme holografische afdruk van het gezicht. Daar ging het verder. Uit het gezicht kwam een lange zwarte slurf geschoven, die rond en rond ging in de lucht. Achteraf denk ik dat dit een verbeelding was van het zweepslagmotief, een term die ik overdag had gehoord in de les.
Met de introductie van de zwarte slurf veranderde de kleurstelling van het landschap. De lucht werd rood en dreigend, vooral bij de horizon, en de groene, madurodamachtige bekleding van de grond verdween en maakte plaats voor stenen, net zoals in de achtertuindroom.

Disclaimer: deze droom is fictief. Overeenkomsten met de werkelijkheid berusten op toeval.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen