zondag 19 december 2010

achterlaten
zij die zonder mij verder gaan
en zij waarnaar ik reik,
vol anticipatie van
deze nieuwe persoon
ik zou haar kunnen zijn
vorm maakt zich los van
achtergrond
achtergrond trekt strak
als een dun wit vel
vlekkerig
ik beweeg me waar ik moet gaan
alleen, in mijn eentje
het zou me zomaar kunnen ontglippen,
hij fixeert me, ondersteunt,
hij -
(het loopt weg)
ik probeer dit te vlechten
tot
STRENGEN

maandag 15 november 2010

vrijdag 12 november 2010

donderdag 11 november 2010

maandag 1 november 2010



ik had een visioen
van navelstrengen en kortstondig verstrengelde golven
en drong de geboorte, de vloed,
terug tot waar hij vandaan kwam
niet nu, niet bij hem
niet nog een keer
mijn lichaam omklemt kunstmatige baby's
ze willen niet groeien
raap mij,
ik ben een bos
van slingerende strengen zoekend in de lucht
hecht.

vrijdag 29 oktober 2010

Het is waar
dat de liefde verdwijnt
maar niet helemaal
er is een plek waar wij elkaar
raken, dun en zwak als een vlies
er is een begrenzing, inmiddels
maar gaten vallen snel
en ik moet weer even
dichten.

Recent werk





 


dinsdag 5 oktober 2010

De vleugel

Er was iemand midden in het bos piano aan het spelen.
Ik hoorde het toen ik nog op het pad fietste, heel zacht, in de verte. Ik vroeg me af of ik de enige was die het hoorde, of alle andere fietsers er pratend voorbij fietsten. Maar ik was alleen, dus ik stapte af en liep op het geluid toe. Al snel kon ik het pad niet meer zien. De takjes krakten onder mijn voeten. Het zonlicht werd gefilterd door de naaldbomen.
Toen ik zo dichtbij was gekomen dat ik vreesde dat de pianospeler mij hoorde, maakte ik een omtrekkende beweging. Ik kwam boven een duin uit en zag in de verte donker wasgoed hangen tussen de bomen. Met vlinders in mijn buik liep ik nog een stukje opzij, en toen zag ik eindelijk de vleugel, zwart en glimmend. Ik maakte een paar foto's. Vervolgens sloop ik van boom tot boom dichterbij, tot ik het meisje achter de vleugel goed kon zien.
Ze was heel normaal. Ze droeg een spijkerbroek en een zwart-wit t-shirt en had kort bruin haar. Saai. Alleen het zwart met witte t-shirt sprak tot mijn verwachting. Dat leek tenslotte een beetje op het nette pak dat ik verbeeld had. Alleen was de pianospeler geen knappe jongen maar een meisje.
Na een tijdje oefenen haalde ze haar mobiel tevoorschijn en begon te sms'en. Ik wachtte tot ze klaar was.
Toen ze weer begon te spelen was het niet met dezelfde intensiteit als daarnet. Ik haalde geluidsapparatuur uit mijn tas en begon haar op te nemen. Om me heen floten de vogeltjes en ruisten de bomen, en de muziek bewoog zich vloeibaar tussen de voegen van die geluiden, tussen de voegen van de wind. Zo hoorde muziek te klinken.
Verbeeldde ik het me of was het mooier vanaf het pad?
Ik zorgde ervoor niet alleen vast te leggen, maar ook te genieten van het moment.
Na een tijdje besloot ik dat het genoeg was geweest. Ik vond het pad zonder moeite terug en fietste verder.

Had ik juist gehandeld?

donderdag 30 september 2010

vrijdag 24 september 2010

dinsdag 14 september 2010

Io


Een tijdje geleden zag ik de film Io Sone l'Amore (ik ben de liefde) met Tilda Swinton.

De droom


zondag 12 september 2010

Ge├źnsceneerde droom

Het landschap was tegelijkertijd een gezicht. Mijn waarneming was niet consistent: er was een constant verschuiven tussen het aankijken van dat gezicht en het lopen op of zweven boven het landschap. Omdat het instandhouden van die gelijktijdigheid erg lastig was, was noch het gezicht, noch het landschap erg uitgesproken. Daarenboven wisselde het gezicht ook nog eens van mannelijk naar vrouwelijk. Mijn geest experimenteerde met dit gegeven: ik wandelde met de man-vrouw in het landschap en ik wandelde in het landschap met in de lucht een enorme holografische afdruk van het gezicht. Daar ging het verder. Uit het gezicht kwam een lange zwarte slurf geschoven, die rond en rond ging in de lucht. Achteraf denk ik dat dit een verbeelding was van het zweepslagmotief, een term die ik overdag had gehoord in de les.
Met de introductie van de zwarte slurf veranderde de kleurstelling van het landschap. De lucht werd rood en dreigend, vooral bij de horizon, en de groene, madurodamachtige bekleding van de grond verdween en maakte plaats voor stenen, net zoals in de achtertuindroom.

Disclaimer: deze droom is fictief. Overeenkomsten met de werkelijkheid berusten op toeval.

vrijdag 3 september 2010

Flora

Ik droomde de achtertuindroom. Die heeft als thema dat de dingen aan de achterkant van het huis waar ik ben opgegroeid niet meer zijn wat ze moeten zijn. Ze worden als het ware vervangen door een filmset die meteen begint zodra je de tuindeur uitstapt, of, in veel gevallen, door mijn slaapkamerraam kruipt. Deze keer was er een groot glooiend grijs strand. Het was doorspekt met brokken steen. De vriend van mijn moeder stond met een gasmasker op in een stofdicht pak het zand op te zuigen. Het zag er heel eenzaam uit.
Achter het strand was het water en met de hele wereld zwommen we daarin. Er zat een knik in het water: daardoor stroomden we naar beneden. Daarachter waren gelukkig grote blauwe zandbanken, waar we veilig op landden.
Ik was binnen in een huis vol dozen, of misschien was het huis van dozen gemaakt, en daarin was ook de kat. Ze was nog kleiner en jonger dan op de foto's.
Willem, mijn broertje, riep me vanaf buiten (misschien moest ik ook een gasmasker opdoen en het zand beginnen op te zuigen), en ik riep de kat, voor wie ik op dat moment een naam bedacht. 
Ze sprong vanuit haar doos dankbaar in mijn armen.

donderdag 2 september 2010

maandag 30 augustus 2010

Het stel

Zij zijn zo gloeiend heet en tegelijkertijd zo ijzig koud dat het mogelijk is op een warme manier met ze om te gaan, maar alleen met het grootst denkbare evenwicht.

maandag 23 augustus 2010

zondag 22 augustus 2010

Documentatie

Zondag
Locatie: de zijkant van de flat.
De kat ligt hier al twee dagen.
Er zijn vragen.

Maandag
Er ligt een schoteltje. Dit is geen toeval.

Dinsdag
Hoe komt deze doos hier?

Woensdag
De kat ligt buiten beeld, in de bosjes.

Donderdag
Eten in een schoteltje.

Vrijdag
Eten in de doos.

Zaterdag
Er stopt een auto. Kort, geblondeerd haar, kirrend: "Heb ik een mooie nieuwe doos voor je?!"
Ze reddert.
Als het voorbij is sluipt de kat langzaam naderbij.

Zondag
De nieuwe doos houdt het langer vol. De kat maakt een uitstapje in het zonnetje.

Maandag
Ook 's nachts heeft de kat geen ander thuis.

Zondag, een week later
De kat was heel zacht en jong. Ze had twee bobbeltjes op haar flanken, waarschijnlijk teken.